|
De
voormalige minister van Binnenlandse Zaken Peper wordt strafrechtelijk
niet vervolgd. Dit maakte de Hoofdofficier van Justitie in Breda
na maanden onderzoek op 13 december 2000 bekend.
Het aantoonbaar teveel gedeclareerde bedrag, rond de 7.500 gulden,
is door Bram Peper terug gestort aan de gemeente Rotterdam. Reden
van het beleidssepot is dat het OM geen personen vervolgd als het
teveel gedeclareerde bedrag onder de 12.000 gulden blijft én het
betreffende bedrag teruggestort wordt.
Peper trad in maart van dit jaar af als minister van Binnenlandse
Zaken, enkele dagen voor het verschijnen van een rapport van de
Rotterdamse Commissie tot Onderzoek van de Rekening (COR). Die raadscommissie
onderzocht het declaratiegedrag van achtereenvolgende colleges van
B & W in de periode 1986-1999.
De COR, bijgestaan door accountants van KPMG, stuitte daarbij op
uitgaven door Peper op kosten van de gemeente die niet of onvoldoende
waren onderbouwd. Volgens ruwe schattingen heeft Peper in de genoemde
periode voor ongeveer 100.000 gulden uitgaven gedaan die ten laste
van de gemeente kwamen, maar die mogelijk een privé-karakter hadden.
Aanvankelijk richtte het onderzoek zich ook op enkele ex-wethouders.
Dat is inmiddels gesloten. Er kunnen hen geen strafrechtelijke verwijten
worden gemaakt, aldus het OM in augustus.
Het College van B&W van Rotterdam heeft kennis genomen van het sepot.
Het College is van mening dat het goed is dat er nu een duidelijk
eindoordeel ligt van het Openbaar Ministerie. Dat Peper niet strafrechtelijk
wordt vervolgd stemt het College tot tevredenheid.
|