|
Portret van Vojislav Kostunica
|
|
Portret
van Kostunica
Met
Vojislav Kostunica bracht de oppositie in Joegoslavië een compromiskandidaat
in stelling. Hij moest stemmen trekken bij de Servische nationalisten
en kans bieden op toenadering tot het westen om het isolement van
het land te doorbreken.
Nadat Milosevic weigerde de verkiezingsnederlaag te erkennen, braken
duizenden burgers de ban. Kostunica werd hun held, tegen wil en dank.
Kostunica is niet erg charismatisch, hij glimlacht zelden, zijn toespraken
zijn monotoon. In tegenstelling tot andere toppolitici loopt hij niet
in dure kleding en laat zich niet in een dikke auto rondrijden. Daardoor
wint hij sympathie bij de door oorlog en sancties verarmde Serviërs.
Kostunica werd in 1944 geboren, als zoon van een rechter van het Joegoslavische
hooggerechtshof die door de communisten uit zijn ambt werd verwijderd.
Als jurist specialiseerde Kostunica zich in constitutioneel recht.
Toen toenmalig leider Tito in 1974 een grondwetswijziging doorvoerde,
protesteerde Kostunica tegen de vermeende beperking van de rechten
van de Serviërs. Zijn eigen ervaring en die van zijn vader hebben
van Kostunica een anti-communist gemaakt.
Toen aan het einde van de jaren tachtig een meerpartijensysteem werd
ingevoerd, richtte Kostunica mede de Democratische Partij (DS) op,
die nu door Zoran Djindjic wordt geleid. Kostunica stapte er weer
uit omdat de partij de Bosnische Serviërs onvoldoende zou steunen.
Kostunica bleef echter altijd op afstand van de wegens oorlogsmisdaden
aangeklaagde Bosnisch-Servische leider Karadzic.
Kostunica richtte een eigen partij op, de Democratische Partij van
Servië (DSS), en sloot in 1992 een kortstondig bondgenootschap met
de charismatische Vuk Draskovic en diens Servische Vernieuwingsbeweging
(SPO). De DSS bleef klein, en Kostunica weerstond in 1996 de druk
uit eigen gelederen om zich aan te sluiten bij het oppositionele bondgenootschap
Zajedno (Samen).
Volgens sommigen was Kostunica 'derde keus', naast de 'natuurlijke'
oppositiekandidaten Djindjic en Draskovic. Djindjic en Draskovic waren
het echter oneens; Draskovic wilde niet eens meedoen aan een gemeenschappelijke
presidentskandidaat van het oppositionele bondgenootschap DOS. Daarnaast
was de draaikont Draskovic besmet door zijn samenwerking met Milosevic
vorig jaar. Djindjic zat tijdens de NAVO-bombardementen in Montenegro,
terwijl Kostunica samen met de Servische bevolking de bombardementen
onderging.
Tijdens de verkiezingscampagne laveerde Kostunica voorzichtig. Enerzijds
veroordeelde hij de Verenigde Staten, de NAVO-bombardementen van vorig
jaar, het internationale bestuur in Kosovo en het Joegoslavië-Tribunaal.
Anderzijds wilde hij een nieuwe, democratische grondwet laten uitwerken
en de economische banden met de EU aanhalen.
Kostunica had straatprotesten voorspeld indien Milosevic zou weigeren
hem als winnaar van de verkiezingen te erkennen. De oppositie wist
het beste hoe zij Milosevic weg moest krijgen, meende hij. Daarmee
haalde hij zijn eerste gelijk. |
| |