|
De afbrokkeling van Joegoslavië
|
|
Hieronder een overzicht van de belangrijkste
gebeurtenissen in Joegoslavië in de afgelopen twaalf jaar. In 1988
bestond Joegoslavië uit de deelrepublieken Slovenië, Kroatië,
Bosnië, Macedonië, Montenegro en Servië. In de loop
der jaren riepen meer republieken de onafhankelijkheid uit met als
gevolg een bloedige strijd tussen de verschillende bevolkingsgroepen.
Op dit moment bestaat Joegoslavië uit de deelrepubublieken Montenegro
en Servië. Kosovo is een autonome provincie in Joegoslavië.
- December 1988 - maart 1989
Milosevic is partijleider in de Joegoslavische republiek Servië
en komt op voor de Serven in het autonome Kosovo. Serven vormen
een minderheid in Kosovo, dat voor 90 procent bestaat uit etnische
Albanezen. Nadat de spanningen verder escaleren, ontneemt Milosevic
Kosovo een groot deel van de autonomie.
- December 1990
Milosevic, inmiddels ook voorzitter van de Socialistische Partij,
wordt herkozen als president van Servië in de eerste vrije parlementsverkiezingen
in decennia.
- Juni 1991
Slovenië, Kroatië en Macedonië roepen de onafhankelijkheid
uit. Het federale Joegoslavische leger grijpt in en Joegoslavië
valt in steeds meer strijdende partijen uiteen.
- November 1991
VN-Veiligheidsraad bespreekt burgeroorlog in Joegoslavië. Een
veertiende staakt-het-vuren gaat in. De Kroatische president Tudjman
wil een VN-vredesmacht. Hevige beschietingen door het Joegoslavische
federale leger op de Kroatische havenstad Dubrovnik. In heel Kroatië
zware gevechten tussen het Joegoslavische leger en Kroatische
troepen.
- April 1992
Europese Gemeenschap erkent Bosnië. De Serviërs beginnen de belegering
van Sarajevo, de hoofdstad van Bosnië. De Verenigde Naties
stellen een handelsembargo tegen Servië in. In juli gaan de Serviërs
massaal de straat op om te protesteren tegen Milosevic die Servië
internationaal zou isoleren.
- Augustus 1992
Na veertien maanden oorlog: 12.000 doden en 2,5 miljoen vluchtelingen.
- December 1992
Milosevic wint opnieuw Servische presidentsverkiezingen. Zware
gevechten in Bosnië. VN waarschuwt Bosnische Serviërs te stoppen
met aanvallen op de Bosnische hoofdstad Sarajevo.
- Januari 1993
Gevechten tussen Bosnische moslims en Kroaten.
- Mei 1994
Eerste machtsvertoon van de NAVO: vliegtuigen halen boven Bosnië
vier Servische jachtvliegtuigen uit de lucht. In augustus verbreken
Servië en Montenegro alle banden met de Bosnische Serviërs.
- Mei 1995
Serviërs bombarderen Sarajevo. NAVO-luchtaanvallen lokken massale
gijzeling van blauwhelmen door Serviërs uit.
- December 1995
Presidenten Milosevic (Servië), Tudjman (Kroatië) en Izetbegovic
(Bosnië) ondertekenen het Dayton-akkoord.
- Juli 1997
Milosevic treedt af als president van Servië, na het maximum van
twee termijnen. Hij wordt president van de Federatieve Republiek
Joegoslavië.
- Oktober 1998
NAVO ziet af van luchtaanvallen op Joegoslavische militaire doelen
in Kosovo na terugtrekking Joegoslavische troepen.
- Juli 1999
Joegoslavische leger staat vierkant achter Milosevic.
- November 1999
Servische steden lijden honger.
- Maart 1999
NAVO begint luchtaanvallen op militaire doelen in Joegoslavië.
- Mei 1999
Joegoslavië-Tribunaal in Den Haag klaagt Milosevic aan wegens
oorlogsmisdaden.
- Juni 1999
NAVO staakt luchtaanvallen; Serviërs trekken zich terug uit Kosovo.
- Juli 2000
Milosevic wil nog twee termijnen president blijven en plant op
24 september verkiezingen.
- September 2000
Oppositiekandidaat Kostunica wint volgens de Federale Kiescommissie,
maar een tweede ronde is toch nodig. De oppositie weigert woedend.
- Oktober 2000
Servië komt in opstand: demonstraties op straat, mijnwerkers blokkeren
de mijnen. Milosevic weigert af te treden. Het Constitutionele
Hof verklaart de verkiezingen ongeldig. Uit heel Servië trekken
betogers naar de hoofdstad Belgrado om Milosevic weg te krijgen.
De oppositie krijgt steeds meer steun, ook internationaal. Het
bewind Milosevic lijkt voorbij.
Bron: ANP |
| |