|
Tsjechië
Tsjechië maakte vroeger deel uit van de staat Tsjechoslowakije
maar ging in 1993 zijn eigen weg los van Slowakije. Tsjechië
probeert zich sinds de onafhankelijkheid steeds meer te integreren
in de wereldeconomie. Een strategie die het land mogelijkheden maar
ook risico's oplevert.
Het land heeft goede betrekkingen met de EU, ook economisch. Een
groot deel van de Tsjechische export gaat naar EU-landen. Ook op
milieugebied probeert Tsjechië zo snel mogelijk een beleid
in te voeren dat voldoet aan de Europese richtlijnen. Nederland
steunt dit overgangsproces met verschillende samenwerkingsprogramma's.
Het doel van deze programma's is uiteindelijk toetreding van Tsjechië
tot de EU.
Voordat Tsjechië volwaardig EU-lid kan worden, moet het land
nog de nodige veranderingen doorvoeren. De Roma-minderheid heeft
het in Tsjechië ondanks langzaam verbeterende wetgeving nog
altijd moeilijk. Ook corruptie is een ernstig zorgenkindje in het
voormalige Oostblokland en ook de rechterlijke macht en overheid
moeten efficiënter gaan werken. Tsjechië kan, als alles
goed gaat, in 2004 toetreden tot de Unie.
Slowakije
Samen met Tsjechië maakte Slowakije tot 1993 deel uit van Tsjechoslowakije.
Daarna voer het land onder leiding van premier Meciar een eigen
nationalistische koers, die leidde tot verwijdering van de EU. Meciar
is sinds 1998 geen premier meer, en het land werkt onder de nieuwe
regering hard om uit het isolement van de Meciar-tijd te komen.
De Slowaakse integratie in de wereldmarkt en de EU maakt vooral
op handelsgebied vorderingen. Ongeveer de helft van de import en
export vindt plaats met EU-landen. Verder is het land sinds 2000
lid van de OESO. In het kader van de Visegradsamenwerking integreert
Slowakije het personen- en goederenverkeer tussen een aantal andere
voormalige Oostbloklanden in hoog tempo.
Voordat het mag toetreden moet Slowakije nog wel het nodige aan
het overheidsfunctioneren doen. Er is nog te veel corruptie, rechters
zijn niet altijd onpartijdig en de overheid subsidiëert de
staalbedrijven ook nog te veel. Slowakije is samen met Polen één
van de twee landen die nog het meeste werk te verzetten hebben voordat
ze mogen toetreden.
Hongarije
Hongarije kent een roerige geschiedenis die vooral gekenmerkt wordt
door overheersing. Turken, Oostenrijkers, Duitsers en Russen hebben
de afgelopen eeuwen de scepter gezwaaid in het land. De huidige
regering die sinds mei 2002 zit, probeert zo snel mogelijk meer
aansluiting te krijgen met de rest van Europa.
Hongarije was al voor de val van het communisme in 1989 relatief
sterk op het westen gericht. In de jaren daarna is dat verder voortgezet.
Hongarije was het eerste voormalig Oostblokland dat formeel het
lidmaatschap van de EU aanvroeg. Hongarije heeft zich ook als één
van de weinigen veel moeite getroost om de leefsituatie van de Roma-minderheid
binnen zijn grenzen te verbeteren. Omringende landen hebben de problemen
met deze bevolkingsgroep veel minder serieus opgepakt.
Ondanks voortvarend hervormingsbeleid moet in Hongarije nog behoorlijk
wat gebeuren. Zo moet de gezondheidszorg nodig op de schop en schiet
de bestrijding van corruptie binnen de overheid nog altijd tekort.
Ook handelt het land niet snel genoeg bij de invoering van een administratief
systeem voor de landbouw.
Slovenië
Als onderdeel van Joegoslavië was Slovenië al sinds het
ontstaan van de federatie in de jaren '40 een buitenbeentje. Het
leverde veel financiële steun aan de armere deelrepublieken,
maar kreeg niet de politieke macht die het graag wilde. Na heftige
meningsverschillen met de federale regering in Belgrado scheidde
Slovenië zich in 1989 af maar de EU erkende Slovenië pas
in 1992. Het land onderhandelt sinds 1997 over toetreding tot EU.
Slovenië is erg ver met aanpassingen in de milieuwetgeving
aan de Europese regelgeving en heeft ook de regels over vrij verkeer
van personen en goederen bijna helemaal overgenomen. De hervorming
van het ambtelijke apparaat is nog niet helemaal rond, maar maakt
wel grote vorderingen.
Een belangrijke maatregel die Slovenië nog moet invoeren is
de instelling van een veterinaire inspectie. Verder is de grensbewaking
nog niet voldoende en ook de economische infrastructuur is nog niet
op het gewenste peil. Slovenië is wel één van
de verst gevorderde aspirant lidstaten.
Malta
Het eilandje Malta in de Middellandse Zee werd in 1814 een kolonie
van het Britse gemenebest en bestuurlijk dus erg afhankelijk van
Londen. In 1964 veranderde deze status in zelfstandigheid binnen
het gemenebest. Tien jaar later werd Malta door een grondwetswijziging
een volledig zelfstandige republiek.
Malta presteert goed op het gebied van milieuwetgeving en grensbewaking.
De Maltese overheidshulp aan bedrijven wordt ook langzaam afgebouwd.
Alleen bij staatsbedrijven is dit nog een zorgpunt.
Er moet nog veel gebeuren voordat Malta mag toetreden. De wetten
op milieugebied zijn wel aangepast, maar het ambtelijke apparaat
dat toeziet op de naleving is nog verre van in orde. Verder moet
het eilandje nog belastinghervormingen doorvoeren en veiligheidsgaranties
geven voor de zeevaart.
Polen
De grootste aspirant-lidstaat met een omvang zeven keer zo groot
als Nederland kent een rijke maar minstens net zo roerige historie.
Het land is vele malen onder de voet gelopen en bezet door vreemde
mogendheden. Het protest zit de Polen in het bloed, vandaar ook
dat het één van de eerste landen was die het Russisch-communistische
juk wisten af te werpen.
Polen is direct na de val van het communisme keihard aan de slag
gegaan met hervormingen. Onderhandelingen over toetreding tot de
EU lopen al sinds 1997. Hiermee is Polen een van de eerste landen
waarmee serieus over toetreding gepraat wordt. De economische hervormingen
in Polen zijn in een ver gevorderd stadium en binnen de regering
bestaat ook eensgezindheid: Polen moet zo snel mogelijk toetreden
tot de EU.
Voordat die toetreding een feit wordt, moet Polen vooral op bestuurlijk
gebied nog veel werk verzetten. Nederland hamert sterk op hervorming
van de Poolse landbouw en de corruptie in het voormalige Oostblokland
is voor de Europese Commissie nog altijd "reden tot ernstige
zorg". Ook de zware industrie moet nog een hervormingsslag
doormaken om volledig zelfstandig te kunnen worden. Polen heeft
jarenlang de staalindustrie gesubsidieerd, maar moet zich nu aan
Europese regens gaan houden.
Estland
Estland heeft na de Tweede Wereldoorlog ruim vier decennia onder
Russisch bewind gestaan. Pas in de jaren '80 brak onder Gorbatsjov
een nieuwe tijd aan waarin Estland uiteindelijk onafhankelijkheid
kreeg. Na de mislukte staatsgreep in Rusland verklaarde Estland
zich in augustus 1991 onafhankelijk. In 1994 vertrokken de laatste
Russische troepen uit het land.
Economisch gezien ontwikkelde Estland zich in sneltreinvaart tot
een vrije markt. Zo snel zelfs dat de EU op sommige gebieden aandrong
de prijzen te reguleren. Ook de bestuurlijke hervormingen liggen
in Estland goed op stoom. De Estse regering maakt met trots melding
van hun actieve internetgebruik. Vrijwel alle besluitvormingstrajecten
zijn online te volgen, maar helaas heeft het overgrote deel van
de bevolking nog geen toegang tot het internet.
Economisch gaat Estland de goede kant op, maar de wet- en regelgeving
kan op veel gebieden beter. Zo is het strafrechtsysteem nog te veel
geworteld in de communistische tijd. Rechters moeten worden omgeschoold,
en de opleiding voor de nieuwe generatie moet beter. Ook de integratie
van de Russische minderheid in de samenleving moet snel gestalte
krijgen.
Letland
Na tientallen jaren communistische overheersing kwam in de jaren
'80 een onafhankelijkheidsbeweging op gang in Letland. Onder Gorbatsjov
vond de 'Zingende Revolutie' plaats. Miljoenen demonstranten in
de drie Baltische staten waartoe naast Letland ook Estland en Litouwen
behoren, zongen in 1988 hun verboden nationale liederen. De onafhankelijkheid
van Letland werd in 1991 internationaal erkend.
Letland doet over de gehele linie goed zijn best om aan alle Europese
regels te voldoen. De wetgeving in het land is al grotendeels aangepast
en ook de corruptiebestreiding vordert gestaag. Letland heeft in
1994 een vrijhandelsovereenkomst ondertekend met de Europese Unie
en in 1995 een Associatieakkoord. De onderhandelingen over toetreding
tot de Unie zijn in 2000 van start gegaan.
Letland wordt vooral van toetreding weerhouden door het zwakke
bestuursapparaat. Letland heeft bijvoorbeeld wel een dienst in het
leven geroepen voor veterinaire inspectie en voedselveiligheid,
maar de structuur is nog niet sterk genoeg om het Europese landbouwbeleid
volledig uit te kunnen voeren. Daarnaast kampt het land ook met
een stelsel van strafrecht dat achterloopt op de Europese regels,
en moet het fraude beter bestrijden.
Litouwen
Litouwen heeft veel gemeen met de andere Baltische staten Estland
en Letland. Litouwen werd in 1991 onafhankelijk van de Sovjetunie,
maar dit ging niet zonder slag of stoot. Russische troepen probeerden
met een aanval vanuit de lucht het onafhankelijkheidstij nog te
keren maar dit mocht niet meer baten. In 1993 vertrok uiteindelijk
de laatste Sovjetsoldaat uit Litouwen.
De Litouwse bevolking staat niet onverdeeld achter toetreding tot
de EU uit angst voor werkloosheid. De regering streeft daar echter
wel naar en maakt ook flinke vorderingen met de hervormingen in
het land. Het omzetten van de eigen wetten zodat ze passen binnen
de Europese regels verloopt erg voorspoedig, en ook de strijd tegen
corruptie binnen de eigen overheid lijkt gestreden.
Litouwen zal nog veel moeite moeten doen om de laatste hordes voor
de gewenste toetreding in 2004 te kunnen nemen. Zo is de landbouw
nog niet voldoende aangepast om aansluiting te kunnen vinden met
die in West-Europese landen. Een ander belangrijk punt van zorg
is de sluiting van een aantal kerncentrales uit milieu-overwegingen.
De Litouwse bevolking is hier minder blij mee omdat die vreest voor
arbeidsplaatsen.
Roemenië
Roemenië werd in de communistische tijd lang geleid door Ceausescu
en diens familie. Deze dictator maakte zich met zijn beleid niet
populair. Zowel in eigen land als in het buitenland ontstond oppositie.
Ceausescu werd uiteindelijk in 1989 samen met zijn vrouw gelyncht.
Daarna bleef het rommelen in Roemenië. Regeringspartijen volgden
elkaar snel op, en van stabiliteit was weinig sprake. Wel richtte
het land zich meer en meer op het westen.
Het buitenlandse beleid is eigenlijk al sinds de jaren '70 onder
Ceaucescu gericht geweest op het westen. Om minder afhankelijk te
worden van de Sovjet-Unie sloot Roemenië toen al handelsverdragen
met westerse landen. Roemenië heeft wel duidelijk vorderingen
gemaakt met bijvoorbeeld de integratie van de Roma-minderheid binnen
de grenzen, en de kinderbescherming. Hervormingen op andere gebieden
vorderen traag.
De langzame hervormingen worden vanuit de EU met argusogen bekeken.
Roemenië past de wetgeving weliswaar aan, maar ontbeert het
benodigde bestuurlijke apparaat. De overheid moet efficiënter
functioneren, en de rechterlijke macht moet worden versterkt. Ook
economisch is Roemenië niet sterk genoeg om de buitenlandse
concurrentie het hoofd te bieden. Het land zal dan ook niet eerder
dan in 2007 toetreden tot de Unie.
Bulgarije
Bulgarije is als één van de meest berooide landen
uit het tumult na de val van het communisme gekomen. De voormalige
communistische partij wist een aantal sleutelposities te behouden
in het nieuwe democratische systeem, en frustreerde het functioneren
van onder met de president zodanig dat van effectief regeren weinig
kwam. Hollende inflatie en werkloosheid zijn het gevolg, maar de
situatie verbetert langzaam.
De economie in Bulgarije is erg zwak, maar heeft wel de vrije marktstructuur
die vereist is voor EU-lidmaatschap. De Europese Commissie is wel
bang dat het land de concurrentie met bestaande EU-staten niet aankan.
Ondanks de heftige politieke geschiedenis in de jaren '90 heeft
Bulgarije ook een voldoende stabiele democratische staatsvorm, eveneens
een vereiste voor lidmaatschap. Bulgarije wil in 2007 toetreden.
Een belangrijke eis aan Bulgarije is dat het de leefomstandigheden
van geestelijk gehandicapten flink verbetert. Ook de Roma-minderheid
binnen de Bulgaarse grenzen leeft nog in erbarmelijke omstandigheden
en wordt stelselmatig gediscrimineerd. Verder is het nodig dat het
land het bestuurlijke apparaat en de rechterlijke en wetgevende
macht efficiënter en sterker maakt.
Cyprus
Officieel heeft de Republiek Cyprus de zeggenschap over het
hele eiland, maar in de praktijk heeft de regering geen gezag over
het noordelijke deel. Hier heeft de Turkse gemeenschap een eigen
staat uitgeroepen die alleen door Turkije erkend wordt. VN-Secretaris-Generaal
Kofi Anan voert al sinds 1999 onderhandelingen met de beide leiders
van het eiland over eenwording van de staat Cyprus.
Cyprus voldoet in vergelijking met de andere apirant-lidstaten erg
goed aan de toelatingscriteria. Het land respecteert de mensenrechten,
kan naar verwachting de concurrentie met andere EU-landen goed aan,
heeft een goede douaneadministratie en grensbewaking. Het land boekt
verder goede vooruitgang bij de bestrijding van georganiseerde misdaad
en corruptie.
De EU staat alleen niet te trappelen om een land te laten toetreden
waar een betwiste tweedeling bestaat en waar het centrale gezag
van het land niet overal zeggenschap heeft. De Unie heeft bij beide
partijen aangedrongen op een politieke regeling, maar stelt dit
niet als voorwaarde voor toetreding. De Europese Commissie zal op
het moment dat Cyprus wil toetreden de situatie van dat moment evalueren.
Litouwen
65.300 km²
3,5 miljoen
7500 euro
33
16,5%
Polen
312.685 km²
38,6 miljoen
8900 euro
40
18,4%
Tsjechië
78.866 km²
10,2 miljoen
13.200 euro
59
8,0%
Slowakije
49.035 km²
5,4 miljoen
10.800 euro
48
19,4%
Hongarije
93.030 km²
10,2 miljoen
11.500 euro
51
5,7%
Slovenië
20.273 km²
2,0 miljoen
15.600 euro
69
5,7%
Roemenië
238.391 km²
22,4 miljoen
5200 euro
23
6,6%
Bulgarije
110.971 km²
7,9 miljoen
6300 euro
28
19,9%
Malta
316 km²
395.000
12.600 euro
56
6,5%
Cyprus
9.251 km²
726.000
19.400 euro
86
4%
|