|
In
maart 2002 geeft de rechter procureur Bourlet de opdracht het onderzoek
tegen Marc Dutroux en zijn medeverdachten na vijf en een half jaar
af te sluiten. "Het onderzoek mag niet eindeloos blijven duren,
in de hoop dat er nog iets anders uit de bus komt", stelde de Kamer
van Inbeschuldigingstelling van het Hof van Beroep in Luik.
Volgens de Kamer is er "voldoende bezwarend materiaal tegen de verdachten
om ze voor een volksjury te brengen". Bourlet mag wel het onderzoek
naar eventuele netwerken rond Dutroux voortzetten. Het proces tegen
de bende-Dutroux begint op 1 maart 2004. De zaak zal worden behandeld
door het Hof van Assisen.
Aanklachten
Tegen Dutroux en een aantal medeverdachten lopen in totaal 39
aanklachten.
De belangrijkste zijn:
-
de gijzeling van Julie Lejeune en Mélissa Russo, met dodelijke
afloop
- de
ontvoering, de gijzeling en het vermoorden van An Marchal
-
de ontvoering, de gijzeling, de verkrachting en het vermoorden
van Eefje Lambrecks
- de
ontvoering, de gijzeling en de verkrachting van Sabine Dardenne
en Laetitia Delhez
- de
moord op Bernard Weinstein
- de
verkrachting van drie Slowaakse meisjes in België en Slowakije
- de
gijzeling van twee jongens en een meisje in Jumet
Meerdere
cellen
In afwachting van zijn proces verblijft Dutroux in de gevangenis.
Daar heeft hij, behalve een 'wooncel', twee cellen ter beschikking
waar hij zich kan verdiepen in zijn dossiers, die samen meer dan
500.000 pagina's beslaan.
In een interview met de Waalse krant La Dernière Heure (9
november 1997) zegt Dutroux zich voor Assisen te willen verantwoorden
voor zijn daden, "voor zover ik die daden heb gepleegd en niet
voor de hersenspinsels en de oneindige verbeeldingskracht die de
pers in deze zaak heeft aan de dag gelegd". In datzelfde interview
geeft hij overigens toe mensen gevangen te hebben gezet.
Wanneer Dutroux wordt veroordeeld tot de zwaarste straf (levenslang),
kan hij op zijn vroegst in 2027 vrijkomen. In een interview met
het Vlaamse televisieprogramma Telefacts, in januari 2002, erkende
Dutroux dat hij meisjes gevangen heeft gehouden en zei hij dat hij
nooit meer vrij zou komen.
Proces
Het assisenproces tegen de bende-Dutroux vindt vanaf maart 2004
plaats. Marc Dutroux, Michelle Martin, Michel Lelièvre en
Michel Nihoul krijgen hun proces in een splinternieuw rechtsgebouw
in Aarlen. Het pand, waar nu nog wordt aan gewerkt, moet het best
beveiligde van het land worden.
In
het gebouw is een speciale kelder waar de verdachten kunnen worden
in- en uitgereden. In de gigantische gerechtszaal is ruimte voor
de bestelauto van Dutroux, die zou zijn gebruikt bij een deel van
de ontvoeringen.
In juli 2002 ziet de (toenmalige) advocaat van Dutroux, Julien Pierre,
redenen om het hele onderzoek tegen zijn cliënt nietig te laten
verklaren. "De parlementaire onderzoekscommissie heeft het
onderzoeksgeheim en het vermoeden van onschuld op flagrante wijze
geschonden." Zo stond een aantal politieverhoren uit de periode
1996-1997 van Dutroux en Lelièvre in juli 2001 te lezen op
internet.
Bovendien zouden de onderzoekers hun werk onvolledig of onjuist
verricht hebben. "Wij zullen dat werk moeten overdoen voor
de assisenjury. Er zijn dus verrassingen op komst", aldus Pierre
in een interview met de krant Het Laatste Nieuws (juli 2002).
|