terug naar column-overzicht terug naar het begin

Sport radiocolumns


Brabantse nachten in Virginia
16 augustus 2003

'k Was er van de zomer even tussenuit, en om die reden vond ik mijzelf terug, op een verloren woensdagavond, bij een honkbalstadion. 't Was een klein onbenullig stadion eigenlijk, wat je misschien het best kunt vergelijken met die door en door Belgische amateur-voetbalvelden langs de snelweg.

Grasveldje wat geen naam mag hebben. Maar wel een heuse tribune, beetje krakkemikkig, dat wel, en een heel stel enorme reclameborden eromheen. Derde klasse onderbond, met eredivisie-pretenties. Reuze gezellig dus.

Nou, dat was hier in Front Royal, een dorpje in de bergen van Virginia, ook zo. En hier spelen de Front Royal Cardinals hun thuiswedstrijden. Naam van de tegenstander op die woensdagavond ben ik allang weer vergeten, net als wie d'r uiteindelijk gewonnen had, maar daar ging het helemaal niet om.

Het was de ervaring. De pure ongedwongenheid van die goedwillende Amerikaanse amateurs. Die in hun passie zo perfect willen spelen onder het oog van hun dorpsbewoners dat ze fout op fout stapelen. Dat geeft helemaal niks.

Want winst of verlies, da's volkomen ondergeschikt aan waar Joe Sixpack met zijn vrouw en kinderen voor komen. Wat zij willen, is gewoon lekker een avondje hangen op de tribune en alles en iedereen op je af laten komen. De honkbalwedstrijd in het vizier, maar enthousiast over wat er buiten het veld gebeurt.

Zoals de loterij, met een hilarische hoofdprijs. Wie wint, mag plaatsnemen op de beste plek van het stadion: Een luie stoel, bovenop een houten kist, vlak achter home-plate. Dan na drie innings, aandacht, dames en heren, voor het volgende: De coach is jarig, en hij niet alleen, maar ook de voorzitter van de club.

Beiden krijgen op het veld, als het spel even stil ligt en als er is gezongen, een grote taart aangeboden, die onmiddellijk aan de zijlijn wordt aangesneden. Massaal verlaat het publiek de tribunes, en een inning lang wordt de wedstrijd de wedstrijd gelaten.

De mascotte werkt zich inmiddels in het zweet. Verkleed als vogel danst-ie voor de dugout van de tegenstander, tot kostelijk genoegen maar toch ook een beetje plaatsvervangende schaamte van de toeschouwers. 't Hoort er allemaal bij, op zo'n onbeduidende zomeravond.

Ik genoot. Pelde pinda's, bestelde bier, kletste met mijn buurman, en probeerde ook in de gaten te houden wat er met de Cardinals gebeurde. Af en toe riepen we wat, een toejuiching, afkeurend boegeroep, eigenlijk vooral bedoeld om op zijn minst de indruk te wekken dat we wel degelijk voor die hard werkende honkballers waren gekomen.

Wat natuurlijk niet zo was. Dat besefte ik halverwege de wedstrijd. In 'e'en klap realiseerde ik me wat er hier aan de hand was. 't Was alsof ik vijfentwintig jaar werd teruggeworpen in de tijd, naar het hoofdveld van Taxandria in het Brabantse Oisterwijk.

Want dit door en door Amerikaanse honkbal-uitje was je reinste Nederlandse zomer-avondvoetbal. Waar niets moet en waar alles mag, en waar het onderlinge plezier aan de zijlijn veel leuker is dan het geploeter van de plaatselijke helden.

Waarmee ik wil zeggen dat Amerikaanse sport in vele opzichten volstrekt anders is dan in Nederland, of in Europa, zoals ik vaak op deze plek vertel. Maar dat op het niveau van de honkballende Front Royal Cardinals, in de bergen van Virginia, de pure beleving exact hetzelfde is als op de Hollandse voetbalklei achter de dijk.

En zo moest ik mezelf, op die verloren woensdag, wiegend in de avondwarmte, lurkend aan een plastic glas bier, halverwege de achtste inning, two out, three balls, two strikes, echt bedwingen om niet uit te schreeuwen: Gutsakker nogantoe, naor veuruh!!!

Tim Overdiek


Sitetip:
The Front Royal Cardinals
RKSV Taxandria

Reageer!


Hoofdpunten pagina
Overzicht buitenlands nieuws