Vredesmissie naar verscheurd Congo
 

Achtergrond van het conflict
Bunia
VN-missie

Deelnemende landen
Houding Nederland

De Europese Unie stuurde deze zomer op verzoek van de Verenigde Naties een internationale vredesmacht naar het door geweld geteisterde Congo. De missie stond onder Franse leiding en was gestationeerd in het noordoosten van het Afrikaanse land. Het was voor het eerst dat de EU een missie stuurde buiten Europa zonder steun van de NAVO. Inmiddels hebben militairen van Monuc, de VN-vredesmacht in Congo, de taak overgenomen.


De noordoostelijke regio Ituri ging de afgelopen maanden gebukt onder hevig etnisch geweld. De rivaliserende Lendu- en Hemastammen slachtten elkaar letterlijk af. In korte tijd zijn naar schatting honderden doden gevallen en sloegen duizenden mensen op de vlucht. In de afgelopen vijf jaar heeft de burgeroorlog in heel Congo het leven gekost aan ruim 2,5 miljoen mensen.


Achtergrond van het conflict
Congo, gelegen in Centraal-Afrika en met een oppervlakte van bijna tweeënhalf miljoen vierkante kilometer, heeft tweehonderd stammen, zevenhonderd verschillende talen en vijftig miljoen inwoners. Sinds lange tijd wordt het land geteisterd door burgeroorlogen. Eén van de belangrijkste brandhaarden is de noordoostelijke districtshoofdstad Bunia in de streek Ituri.

Strijders van de Lendu-stam, de etnische meerderheid, vechten in de regio om de macht met hun aartsrivalen, de Hema-stam. De stammen, van oudsher respectievelijk boeren en herders, vechten al lange tijd om land en grondstoffen die Ituri rijk is.

Vroeger maakten zij gebruik van primitieve wapens als speren en pijlen. Het aantal slachtoffers bleef daardoor relatief beperkt. Toen in 1998 Uganda en Rwanda de stammen van wapens gingen voorzien, werd de strijd echter grimmiger en bloediger.

De regeringslegers van Uganda en Rwanda vielen noordoostelijk Congo vijf jaar geleden binnen om, naar eigen zeggen, hun grenzen te beschermen tegen rebellen die vanuit Congo opereerden tegen hun regeringen. Ook hielpen zij Congolese rebellen bij hun strijd tegen de regering.

Uganda en Rwanda raakten echter op Congolees grondgebied onderling slaags. Stammen, waaronder de Lendu's en Hema's, werden tevens gebruikt bij de strijd om Ituri's bodemschatten, vruchtbare landbouwgrond, hout en strategische vliegvelden.

Begin mei trok Uganda zijn troepen uit Bunia terug. Daarop ontstond een machtsvacuüm in de stad en de regio. Het Rwandese leger was vorig jaar al huiswaarts gekeerd. Bij hun vertrek schonken de Ugandese soldaten hun wapens aan de Hema's.

De Lendu's trokken op 6 mei moordend en verkrachtend Bunia binnen en verbrandden huizen van Hema-leden. Een week later, op 12 mei, deden Hema-strijders, gesteund door Rwandese milities, een tegenaanval en verjaagden de Lendu's. Exacte cijfers zijn niet bekend, maar verondersteld wordt dat 250.000 mensen op de vlucht zijn geslagen.

De zevenhonderd voornamelijke Uruguayaanse blauwhelmen die in Bunia aanwezig waren, konden niets betekenen, met name door gebrek aan wapens. Zij trokken zich terug op het vliegveld, vijf kilometer buiten de stad.

De Congolese regering in Kinshasa heeft sinds tijden geen macht meer over het noorden en oosten van het land. De overheid stuurde bij het oplaaien van de strijd zeshonderd politiemannen naar het gebied, maar daar aangekomen verkochten de agenten hun wapens aan de Lendu's en trokken zich terug in de VN-barakken.

Eind mei werden meerdere massagraven in Ituri gevonden. Franse VN-deskundigen en Rode Kruis-medewerkers begonnen vervolgens een onderzoek. Rapporten van internationale hulporganisaties melden gruwelijke berichten over kannibalisme en gedrogeerde kindsoldaten.
Terug naar boven



Bunia
De VN-missie is gelegerd nabij Bunia. Deze districthoofdstad ligt in de noordoostelijke streek Ituri, die onderdeel is van de provincie Hoog-Zaïre. Op honderd kilometer ligt de grens met Uganda, die wordt gevormd door de rivier de Lhubria.

Eens was Bunia een bloeiende goudstad, omringd door vruchtbare groene bergen. Bunia heeft een vliegveld en een goudmijn, de Kilo-moto mijn. De mijn is de rijkste van Congo en de bron van vele conflicten. Een Canadees-Belgische firma exploiteerde de mijn tot de rebellengroepen van Laurent Kabila in 1996 de stad innamen. De mijn was kort daarvoor geplunderd door regeringssoldaten van toenmalig president Mobutu.

Nu heeft Bunia meer weg van een spookstad. De meeste inwoners zijn gevlucht. Huizen zijn geplunderd of platgebrand. Lichamen die zijn achtergebleven na de massamoorden bepalen het straatbeeld. Jonge jochies slenteren er met geweren zo groot als zijzelf.
Terug naar boven


VN-missie

Secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Kofi Annan, riep medio mei de internationale gemeenschap op tot hulp. Frankrijk nam daarop het voortouw en diende een resolutie in over de inzet van een vredesmacht onder Frans commando. De Veiligheidsraad nam de resolutie aan.

Het doel van de missie is het beschermen van de Congolese burgerbevolking, het vliegveld en de vluchtelingenkampen in de buurt. De Franse generaal Thonier heeft de leiding over de missie, die de naam Artemis draagt, naar de Griekse godin van de jacht.

De vredesmacht heeft een ruim mandaat. De 1800 militairen zijn gerechtigd zonodig geweld te gebruiken. Begin september heeft een nog grotere VN-macht onder leiding van Bangladesh de missie overgenomen.

In de turbulente regio Ituri was al een beperkte VN-missie, Monuc, aanwezig toen de strijd oplaaide. De militairen, hoofdzakelijk uit Uruguay, waren echter niet bewapend en konden daarom slechts als waarnemers optreden.
Terug naar boven


Deelnemende landen

Naast Frankrijk dat ruim 1000 van de 1400 militairen levert, nemen Duitsland, Groot-Brittannië en Zweden deel aan de vredesmacht. Omdat de missie officieel door de Europese Unie wordt uitgevoerd, vindt Frankrijk het van belang dat zoveel mogelijk lidstaten een bijdrage leveren, ookal is die bijdrage symbolisch. Van buiten Europa krijgt de missie ook steun; zowel Canada als Zuid-Afrika sturen soldaten.

Zelfs België ondersteunt de operatie in zijn ex-kolonie. Dit is opmerkelijk omdat de Belgen in de jaren negentig besloten niet meer deel te nemen aan militaire operaties in vroegere kolonies. Dat besluit kwam na de moord op tien Belgische blauwhelmen in Rwanda. Volgens het ministerie van Defensie in Brussel beperkt België zich echter tot het sturen van vliegtuigen en medisch personeel.
Terug naar boven


Houding Nederland

Ons land overweegt een zeer bescheiden bijdrage te leveren aan de VN-missie in Congo. Minister Kamp van Defensie (VVD) is bereid op Frans verzoek één liaison-officier beschikbaar te stellen. Volgens het ministerie is Nederland niet in staat substantieel bij te dragen aan de missie vanwege de huidige inspanningen in Afganistan, Bosnië en Irak.

De PvdA ziet liever Nederlandse militairen naar Congo gaan dan naar Irak. Volgens buitenlandwoordvoerder Koenders ligt een missie naar Congo meer voor de hand omdat daar 'een slepende genocide' plaatsvindt. De achterban bleek het hier tijdens een partijbijeenkomst mee eens te zijn.

Minister Kamp liet weten op langere termijn een grotere betrokkenheid bij de missie van Nederland niet uit te sluiten. Nederland is één keer eerder betrokken geweest bij een VN-missie in Congo. In 1960 leverde Nederland twee ambulances, een veldhospitaal en een medische staf.
Terug naar boven


Hoofdpunten pagina
Overzicht buitenlands nieuws

Vredesmissie naar verscheurd Congo

Geschiedenis van Congo

Een voorlopige regering voor Congo
(01-07-2003)


Site tips

Site van Verenigde Naties m.b.t. Congo

Officiële Congo pagina