|
Het
Internationale Rode Kruis trekt een aantal van haar buitenlandse
medewerkers terug uit Irak. Het besluit is genomen naar aanleiding
van de bomaanslag op het hoofdkantoor van de hulporganisatie in
Bagdad afgelopen maandag. Bij die explosie kwamen twaalf mensen
om.
Hoeveel medewerkers het land zullen verlaten is niet bekend. Nu
werken er nog dertig buitenlanders voor het Rode Kruis in Irak.
De zeshonderd Iraakse mederwerkers zullen hun werk voortzetten.
Zij krijgen extra bescherming. Het Rode Kruis weigert echter hulp
van het Amerikaanse leger te aanvaarden. Dat zou vragen oproepen
omtrent haar neutraliteit.
"We hebben geen andere keuze dan de manier waarop we in Irak
werken aan te passen", zei directeur Krähenbühl op
een persconferentie. Het Rode Kruis is sinds 1980 actief in Irak.
De organisatie verkleinde het aantal buitenlandse stafleden al eerder
dit jaar als reactie op het bombardement op het VN-hoofdkwartier
in Bagdad in augustus.
Artsen zonder Grenzen
Eerder vandaag kondigde Artsen zonder Grenzen ook al aan een deel
van haar buitenlandse staf uit Irak terug te trekken. Vier van de
zeven stafleden zullen het land verlaten. De kans is groot dat de
overige drie stafleden eveneens het land verlaten.
De
drie medewerkers verblijven nog in een buitenwijk van de Iraakse
hoofdstad, maar volgens de organisatie kan hun veiligheid niet langer
worden gegarandeerd. AzG gaat de dertig Iraakse medewerkers voorlopig
ondersteunen vanuit de Jordaanse hoofdstad Amman. Onder de zeven
stafleden bevinden zich Fransen en Belgen. De organisatie heeft
geen Nederlanders in Irak.
De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Powell riep het Internationale
Rode Kruis en andere hulporganisaties op om in Irak te blijven.
Hij is bang dat plegers van aanslagen anders worden aangemoedigd
om hun acties voort te zetten. Bij de recente aanslagen kwamen 35
mensen om en raakten 230 mensen gewond.
|