|
Kabinet stelt besluit over Irak uit |
21-11-2003
|
Verslag
NOS-Journaal
Premier
Balkenende: "Positieve grondhouding"
Het
kabinet heeft nog geen beslissing genomen over de verlenging van de
aanwezigheid van de 1100 Nederlandse militairen in Irak met zes maanden.
Premier Balkenende zei dat het kabinet eerst meer informatie wil hebben
over de veiligheidssituatie in de zuidelijke provincie al-Muthanna,
waar de Nederlanders zijn gelegerd.
Wel is er een "positieve grondhouding", aldus de premier
na het wekelijke kabinetsberaad. Hij verwacht dat het kabinet een
besluit neemt na een briefing over de veiligheidssituatie door het
ministerie van Defensie. Of er bij die briefing geheime Nederlandse,
Britse of Amerikaanse informatie wordt gebruikt, is onduidelijk.
Minister Kamp van Defensie verzekerde eerder al dat hij voldoende
gegevens had om een afgewogen beslissing te nemen. Hij wil dat de
troepen in Irak blijven, maar wenst wel meer duidelijkheid over de
duur van het verblijf van de Nederlandse militairen in Irak. Sommige
ministers zijn nog niet overtuigd van het voorstel van Kamp.
Het uitstel heeft volgens Balkenende niets te maken met de recente
golf van aanslagen in Istanbul en in het zuiden van Irak. "De
aanslagen zijn een grote zorg, maar dat betekent niet dat we onze
verantwoordelijkheid niet moeten nemen. Het zou slecht zijn als de
internationale gemeenschap zich afwendt van Irak."
Draagvlak
Het kabinet wil juist zeer zorgvuldig te werk gaan, benadrukte hij.
"Het gaat om een belangrijke beslissing die draagvlak nodig heeft
in de samenleving en in de politiek."
Half januari moet het bataljon mariniers worden afgelost door eenheden
van de landmacht. De meerderheid in de Tweede Kamer verzet zich niet
tegen het verlengen van de missie, maar wil wel een nieuw onderzoek
naar de veiligheid voor de troepen.
Ook wil de Kamer antwoord op de vraag wat de gevolgen zijn van het
Amerikaanse voornemen om de macht eerder dan gepland over te dragen
aan de Irakezen. PvdA-Kamerlid Koenders vroeg het kabinet daarom twee
weken te wachten met het besluit over de voortzetting van de missie.
|
| |
|
|