|
De Amerikaanse regering heeft in de Veiligheidsraad van de Verenigde
Naties een ontwerpresolutie gepresenteerd die de VS voor zeker een
jaar controle moeten geven over de Iraakse olie-industrie. De raad
vergaderde vandaag kort over de ontwerptekst. De beraadslagingen
gaan volgende week woensdag verder.
De Britse ambassadeur bij de volkerenorganisatie, Greenstock, sprak
in New York van een "goede start" van de besprekingen.
De verwachting is dat er niet voor 24 mei een besluit valt in de
raad over de resolutie.
Verdeeldheid
De Amerikaanse ambassadeur bij de VN, Negroponte, zei voorafgaand
aan het overleg niet te verwachten dat het resolutievoorstel voor
nieuwe verdeeldheid in de Veiligheidsraad zal zorgen, aangezien
het om de wederopbouw van Irak gaat.
De
Deense Eurocommissaris Nielson (Ontwikkelingshulp) beschuldigde
Amerika ervan het op de Iraakse oliereserves gemunt te hebben. Voor
de Deense radio zei hij: "Ik denk dat de VS bezig is lid van
de OPEC te worden." De commissaris heeft er een hard hoofd
in dat de VS van plan is de controle over het land aan de Irakezen
terug te geven.
Nielson baseert dat op gesprekken die hij onlangs voerde met Jay
Garner, de civiel-bestuurder van Irak. De Eurocommissaris pleit
voor een duidelijke en solide rol voor de VN.
Centrale rol
Ook Frankrijk en Rusland hebben continu herhaald dat de VN de centrale
rol dient te krijgen over het bestuur van het naoorlogse Irak. Ook
willen zij dat de wapeninspecteurs eerst vaststellen dat Irak geen
massavernietigingswapens bezit, alvorens de sancties op te heffen.
Om
de twee landen enigszins tegemoet te komen, heeft de VS voorgesteld
het olie-voor-voedsel-programma niet ineens maar geleidelijk op
te heffen. Zowel Frankrijk als Rusland hebben nog contracten lopen
op basis van het programma waar bedragen van respectievelijk 300
miljoen en 1,5 miljard dollar mee zijn gemoeid.
Washington hoopt dat de resolutie voor 3 juni wordt aangenomen.
Op die datum loopt het olie-voor-voedsel-programma van de VN af
en moet dan vernieuwd worden. Het programma werd in 1996 ingesteld,
om de gevolgen van de economische sancties voor de bevolking te
verlichten.
Lees ook: Hoofdpunten
uit de ontwerpresolutie
|