|
De
Amerikaanse minister Powell van Buitenlandse Zaken heeft er bij
de Syrische president Assad op aangedrongen niet langer de Hezbollah-strijders
in Libanon te steunen. Die vallen nog steeds Israël aan. Hij
wees ook een Syrische ontwerp-VN-resolutie van de hand. Hierin werd
gepleit om het gehele Midden-Oosten vrij te maken van massavernietigingswapens.
De resolutie is volgens de VS vooral gericht tegen Israël.
Algemeen wordt aangenomen dat dat land kernwapens bezit. Jeruzalem
heeft dat nooit bevestigd of ontkend. Powell achtte het "niet
het juiste moment" om over het verwijderen van massavernietigingswapens
in het Midden-Oosten te praten.
De bewindsman bezoekt vandaag Syrië en Libanon om de routekaart,
het woensdag gepresenteerde vredesplan voor het Midden-Oosten, te
promoten. Volgende week bezoekt hij de Israëlische premier
Sharon en diens Palestijnse ambtgenoot Abbas.
Massavernietigingswapens
Vlak na de oorlog in Irak beschuldigden de Verenigde Staten Syrië
ervan proeven te hebben gedaan met massavernietigingswapens en kopstukken
van het verdreven Iraakse regime onderdak te bieden. Damascus sprak
de aantijgingen met klem tegen.
Even dreigde de spanning tussen de twee landen op te lopen. De lucht
klaarde al snel nadat president Bush had gezegd dat Syrië "de
boodschap had begrepen". Powell herhaalde in Damascus dat de
VS er niet op uit zijn Syrië aan te vallen. "Dat ligt
niet op tafel", aldus de minister.
Powell heeft zich voorzichtig positief uitgelaten over de opstelling
van Syrië. De steun van Damascus aan organisaties die aanslagen
plegen in Israël, is volgens hem afgenomen. Toch vindt de minister
dat het land meer moet doen om de VS van zijn goede wil te overtuigen.
|