|
Irak gaat kopstukken Saddam-regime berechten |
10-12-2003
|
Verslag
NOS-Journaal
Correspondent
Mustafa Oukbih legt uit hoe het tribunaal er uit komt te zien
Irak
gaat een tribunaal opgerichten waar de kopstukken van het Saddam-bewind
berecht zullen worden voor misdaden tegen de menselijkheid. De Iraakse
regeringsraad, aangesteld door de Verenigde Staten, zal waarschijnlijk
vandaag de wet aannemen, die de oprichting van het tribunaal mogelijk
maakt.
Oprichting van het tribunaal
Het tribunaal zal in Irak gevestigd worden. De rechters en aanklagers
zullen van Iraakse afkomst zijn. Internationale deskundigen zullen
slechts een adviserende rol vervullen.
Het wetsontwerp, dat de oprichting van het tribunaal mogelijk maakt,
is met behulp van Washington opgesteld en is een kopie van Amerikaanse
voorstelen.
Om
de wet te laten passeren zal de Amerikaanse interim-bestuurder van
Irak, Paul Bremer, zijn macht tijdelijk overdragen aan de regeringsraad.
Younadem Kana, lid van de Iraakse regeringsraad, benadrukt dat de
beslissing om de wet aan te nemen en het tribunaal op te richten een
zelfstandig besluit is.
De plannen zijn nog niet uitgekristalliseerd, maar voorzien in tien
rechtbanken, elk met vijf rechters en vijf aanklagers. Ook komt er
een hof voor hoger beroep dat zal bestaan uit negen rechters. Verdachten
die geen advocaat kunnen betalen krijgen er een toegewezen.
Verdachten
Bovenaan de lijst van mogelijke verdachten prijken de 55 kopstukken
die in het Amerikaanse kaartspel van de meest gezochte Irakezen zijn
opgenomen. Van de 55 zijn er al 40 opgepakt, onder wie de voormalige
vice-president Taha Yassin Ramadan, de ex-minister van Buitenlandse
Zaken Tareq Aziz, en Hassan al-Majid ofwel 'Chemische Ali'.

De kopstukken van het Saddam-regime worden verantwoordelijk gehouden
voor schending van de mensenrechten en massamoord op Iraakse koerden,
sjiitische moslims, Iraniërs en Koeweiters.
Kritiek
In tegenstelling tot het Rwanda-tribunaal en het Joegoslavië-tribunaal
zal het 'Saddam-tribunaal' niet onder de Verenigde Naties vallen.
Bij die tribunalen oordelen internationale rechters over de verdachten.
Mensenrechtenorganisaties vrezen dat de Iraakse rechters en aanklagers
niet over voldoende kennis beschikken om zeer ingewikkelde zaken te
behandelen.
Ook zouden de VS en Groot-Brittannië teveel invloed hebben gehad
op het opstellen van de wet die voorziet in de oprichting van het
tribunaal.
De Verenigde Staten hopen dat door de oprichting van het tribunaal
de Irakezen het gevoel krijgen dat de VS zich inzet voor het herstellen
van de democratie en de rechtsorde in Irak. |
|
|