 door Studio Sport-commentator Frank Snoeks
Dertien jaar geleden schoot Manuel Rui Costa het nationale juniorenelftal van Portugal van elf meter, boem, naar de wereldtitel – en dat was nog maar het begin. Dacht men.
Hooggespannen waren sindsdien de verwachtingen en groot de teleurstellingen die elkaar opvolgden. De spelersgroep, waartoe ook Luis Figo en Jorge Costa behoorden, werd de Gouden Generatie genoemd en het zou nog maar even duren of de voetbalwereld zou aan hun voeten liggen.
Vier jaar geleden wervelden de Portugezen in Eindhoven na een 2-0 achterstand voorbij de Engelsen en vernederde Portugals reservebank, met Sergio Conceiçao als de regisseur annex hoofdrolspeler, Duitsland in Rotterdam met 3-0. Eindelijk zou de belofte van 1991 worden ingelost. Portugal had er het elftal voor. Dacht men.
Maar Zinedine Zidane beschikte twee jaar na zijn mondiale machtsgreep nog immer over de ambitie, de vorm en de zelfverzekerdheid die het Franse elftal van toen zo onweerstaanbaar maakte en toen Portugal in Zuid-Korea door de zijdeur afging, begon de tijd voor Rui Costa en Luis Figo wel erg te dringen.
Jorge Costa haakte af, na 2002. Anderen waren eerder al afgehaakt of zelfs geheel opgelost in de vergetelheid. Luis Figo is nu 31, Rui Costa een jaar ouder. Zij zijn de laatste vaandeldragers van de Gouden Generatie, die vandaag de kroon op het in 1991 aangevangen werk kunnen zetten.
Dik drie weken geleden zag het daar nog niet naar uit. Luis Felipe Scolari had ondanks een twintigtal oefenwedstrijden zijn ideale elftal nog niet gevonden. Griekenland versloeg het thuisland in het openingsduel met 2-1 en Rui Costa en Luis Figo werden uitgefloten. Hun dagen waren geteld, dachten we.
Luis Figo, hoewel omstreden en nadien driemaal al voor het eindsignaal naar de kant gehaald, behield zijn basisplaats en betaalde dit vertrouwen terug met een meesterlijk optreden in de halve finales, tegen Nederland. Maar het elftal van Scolari ontkwam niet aan een grondige restauratie. Het elftal dat morgen een greep doet naar de Europese titel wijkt op vijf of zes plaatsen af van de eerste in dit toernooi gemaakte elftalfoto.
Ook de nummer 10 van Portugal behoort tot de slachtoffers van de grote schoonmaak. Rui Costa is inmiddels bijgezet in het Museum van het Portugese Voetbal. De nieuwe God heet Deco.
Rui Costa heeft zich erbij neergelegd. Af en toe komt het museumstuk nog tot leven om ons vleugjes van zijn haast aristocratische artisticiteit te vertonen. Zoals tegen de Engelsen, toen hij zijn tweede treffer als invaller maakte in dit toernooi. Maar hij bevindt zich in de blessuretijd van zijn carrière en zelf weet Rui Costa dat ook.
Vandaag, als hem al een invalbeurt wordt gegund, speelt Rui Costa zijn laatste interland voor Portugal. Wellicht treedt hij terug als Europees kampioen. Maar wellicht ook niet.
Je kunt wel zeggen, zoals ik om mij heen veel vakgenoten hoor beweren, dat de Grieken bij toeval en met veel geluk hun weg naar de finale hebben gevonden, maar ik vind dit onzin. Niet een beetje onzin, maar klinkklare onzin.
De Portugezen mogen dan artiesten zijn, de Grieken zijn zeker geen clowns.
Otto Rehhagel en zijn voetballers weten wat ze kunnen – en helemaal wat ze niet kunnen. Dat laatste vooral is maar weinig voetballers op dit niveau gegeven.
Waar Griekenland bijvoorbeeld niet heel erg bedreven in is: het spel maken. Wat de Grieken wel goed kunnen: de tegenstander het spel zo niet onmogelijk maken, dan toch in elk geval bemoeilijken. "Die Grieken spelen niet om te winnen!", hoor ik om mij heen landgenoten verkondigen. "Ze spelen slechts om niet te verliezen."
Inderdaad. Ze spelen om niet te verliezen! En als Griekenland zondagavond niet verliest, dan wint het. Een gelijkspel behoort in de finale tot de onmogelijkheden.
Als ik dit dispuut gewonnen heb, word ik weer om de oren geslagen met de dooddoener dat Griekenland in de eindstrijd van Euro 2004 slecht zou zijn voor het voetbal.
Hier word ik nou moe van! Laten wij (uit het voetballand dat het in Portugal bij elkaar tot één overwinning – op Letland – wist te schoppen) nou eens drie dingen onder ogen zien.
1. Portugal verloor tot dusverre één wedstrijd: van Griekenland.
2. Frankrijk verloor ook maar één duel: ook van Griekenland.
3. En van wie kregen die geweldenaren van Tsjechië een upper-cut in de laatste minuut: weer Griekenland.
De Grieken zijn dus een meer dan terechte finalist. Otto Rehakles is bovendien een man naar mijn hart. Hij predikt eenvoud. Is één van zijn spelers geschorst. Nou en? Dan stelt hij toch gewoon een ander op.
Hij past zich aan aan de tegenstander. Nou en? Zou elke coach moeten doen.
Hij vindt het elftal belangrijker dan de spelers. Is dat niet zo dan? Voetbal is een teamsport en zo opereert Griekenland ook, als een team. Als een eenheid. Als een hecht bolwerk. Je hoeft niet over de beste spelers te beschikken om toch een heel goed team te hebben, zo ongeveer luidt de filosofie van Rehhagel.
Dat is niet van vandaag of gisteren. Rehhagel heeft altijd zo gewerkt en successen geoogst, bij Fortuna Düsseldorf, bij Werder Bremen, bij Kaiserslautern en nu als coach van Griekenland. Alleen in München werkte zijn filosofie niet. Te veel vedetten daar. Te veel generaals. Te veel glamour. Da’s niks voor Otto. Otto houdt van braadworst, niet van biefstuk. Otto loopt liever in een trainingspak dan in een Armani. En Otto werkt liever met soldaten dan met generaals.
We moeten daarom ook maar gelijk ophouden met Otto aan te bevelen als opvolger van Dick Advocaat.
Otto moet schoon schip maken in Duitsland en daar Völler opvolgen of (en dat raad ik hem aan) zich terugtrekken op zijn eigen Griekse eiland Rehaklion en een contract tekenen dat hem tot 2040 als adviseur verbindt aan de Griekse voetbalbond. Maak daar 2050 van.
Maar eerst nog een laatste act graag van Herr Otto in Circus Voetbal!
Mogelijke opstellingen:
Griekenland: Nikopolidis – Seitaridis, Dellas, Kapsis, Fyssas – Zagorakis, Basinas, Karagounis – Charisteas, Giannakopoulos – Vryzas
Trainer: Rehhagel (Duitsland)
Portugal: Ricardo – Miguel, Jorge Andrade, Ricardo Carvalho, Nuno Valente – Maniche, Deco, Costinha – Figo, Ronaldo – Nuno Gomes
Trainer: Scolari (Brazilië)
Scheidsrechter: Merk (Duitsland)
Wedstrijdbal: Roteiro (Duitsland)
Nawoord: Een tamelijk Duits-getinte finale dus. Maar voor insiders, Gary Lineker krijgt ditmaal geen gelijk. Duitsland zal niet winnen.
|