 door directeur betaald voetbal van de KNVB Henk Kesler Het is plezierig om na een aantal intensieve weken weer thuis te zijn. Ook al zal een langer verblijf uit sportief oogpunt nog fijner zijn geweest. De sfeer onder de Nederlandse supporters was geweldig, we hebben onze sportieve doelstellingen gehaald (het bereiken van de halve finale) en na de wedstrijd tegen Tsjechië zelfs van heel veel UEFA-mensen complimenten gekregen voor de beste wedstrijd tot dat moment, terwijl in Nederland iedereen met een kater zat.
We hebben als klein voetballand weer uitstekend gepresteerd, daar mogen we mijns inziens wel eens wat trotser op zijn. Je kunt namelijk niet zeggen dat we het slecht hebben gedaan als je bij de laatste vier landen van Europa eindigt, terwijl er al zoveel grote voetbalnaties vroeg in het toernooi naar huis moesten gaan. Afscheid van het toernooi betekent tevens afscheid van een generatie internationals, waar wij met z’n allen vele jaren plezier van hebben gehad, hulde aan hen! Het klinkt natuurlijk ook een beetje tegenstrijdig om enerzijds de finale te missen, terwijl je aan de andere kant financieel fantastisch gescoord hebt. Laat ik duidelijk zijn: de sport (winnen) staat voorop. Maar het maatschappelijke belang verliezen we niet uit het oog. Na aftrek van de kosten houden we enkele miljoenen euro’s over aan het toernooi, waarvan ik met trots kan zeggen dat de KNVB een deel vrijmaakt voor sociaal maatschappelijke projecten.
In samenwerking met de Johan Cruyff Foundation willen we in alle steden waar betaald voetbal wordt gespeeld Cruyff Courts gaan aanleggen. Voor dit project, dat we in november gaan presenteren, hebben we inmiddels ook een bijdrage van 675.000 euro van de UEFA gekregen. Euro 2004 is niet alleen het toernooi van de kleinere landen geweest, maar ook het toernooi van de media. Het is opvallend dat een minister-president zich uitlaat over de ongenuanceerde kritiek aan het adres van de bondscoach. Voetbal bewijst andermaal een geweldige impact te hebben, zowel in maatschappelijk als in economisch opzicht, maar dat wist de KNVB al. Het is interessanter te constateren dat er een nieuwe, overigens geheel terechte discussie is ontstaan in de media: een discussie over de rol van de media zelf. Hoe ver mag men gaan met het beschadigen van individuen?
Hoogleraren, professoren, politici en burgers gaven in kranten en op televisie tegengas tegen de storm van kritiek, mede veroorzaakt door journalisten en vaste deskundigen in televisieprogramma’s, die zelf nooit op dat niveau hebben gevoetbald of gecoacht. Ik wil zeker niet elke journalist over één kam scheren, maar enige vorm van nuance was bij een deel van het vaderlandse journaille verdwenen. De feiten telden niet meer, de emotie had vrij spel. Kritiek hoort bij het vak, maar deze vorm van kritiek is hard aangekomen. Toch blijf ik zeggen dat de KNVB zijn eigen koers zal varen. Volgende week komt er meer duidelijkheid over de toekomst van Dick Advocaat. De KNVB is op dit moment niet met een opvolger bezig, omdat dat zeer onfatsoenlijk zou zijn. Al die geruchten dat er bij ons al een geheim lijstje zou circuleren zijn daarom onzin. Misschien blijft Advocaat wel gewoon bondscoach.
|