 |
|
|
De hemel geeft
In het Chateau d'Ygrande zijn de kranen van
goud, op het eerste gezicht. Bij nadere inspectie
is het toch verguldsel, maar wel degelijk met
die illusie van goud.
Die kranen maken deel uit van een badkamer met
de allure van een balzaal. De wastafel is verwerkt
in de muurvullende spiegel, ter linkerzijde.
De rechterwand is bedekt met Japans linnenbehang
met motieven van bloesem en waterlelies. Kamer
10 in het Chateau d'Ygrande.
De slaapkamer is zeer ruim met klassieke inrichting.
Het blauw, linnen behang biedt een bont ensemble
van bloemenhagen met engelenbeelden en leeuwen
tusen het struweel. Rechts achterin de hoek
staat een glimmende, antieke schrijftafel met
stoel. Daarnaast een kloeke bruine kast, waarop
een riant boeket droogbloemen is gelegd. Middenin
staat een zitgroep van Louis-seize-meubelen
met in zachtblauwe stof beklede stoeltjes.
Aan de muren hangen schilderijtjes met landschapjes.
Het bed is ruim, tweepersoons. Een blik uit
het raam biedt tussen de witte luiken door een
schilderij van een landschap op de juiste manier
zonovergoten, glooiende velden tot de einder
doorsneden met boomgroepen, een meertje dichtbij,
paarden tussen de hekken. Alles vervat in een
fantastische stilte. La silence de campagne.
Precies zo moet Louise seize het gezien hebben,
toen hij op bezoek was bij zijn vrienden van
Chateau d'Ygrande. Een geschenk uit de hemel,
dit panorama.
Ik was op bezoek bij Mart Smeets, de zonnekoning
van Vak M. Het kasteel staat in de buurt van
Moulins, aan de D935. Ik was er heengekomen
met Fedor den Hertog, op uitnodiging van het
televisieprogramma. Het was een mooie ervaring.
Het komt niet vaak voor dat een mens met Smeets
en Den Hertog overnacht in het Chateau d'Ygrande
aan de vooravond van een televisieuitzending
over de Tour de France. Terwijl het peloton
naar Lyon trapte over een nieuwerwetse route,
reden Fedor en ik met een cameraploeg nog een
heel stuk over de Route du Tour van 1903.
Het was de tweede keer dat jaar dat we dat stuk
van de mythische N7 aflegden tussen Moulins
en Lyon. Ook weer zoiets typisch. Er gaan jaren
voorbij dat ik niet twee keer een stuk van de
N7 rijd. We stopten voor wat shots van een oude
controlepost in Moulins, het massieve oude Hotel
de Paris en reden daarna door naar Lapalisse,
voor opnamen van de trotse burcht waaronder
Hippolyte Aucouturier in de nacht van de tweede
juli 1903 moest opgeven met maagklachten.
's Avonds mochten we het nog eens allemaal uitleggen
aan Mart. Het was sereen en emotioneel. Fedor
was heel geroerd om zo geëerd te worden.
Ik kon als radioman een leuk nummer opvoeren
over mijn liefde voor het nomadenbestaan van
de Tour en mijn fascinatie voor de geschiedenis
van het evenement. Mart: hoe is het om er weer
te zijn? Ik kon niet anders zeggen dan: heerlijk.
Er was wel meer te zeggen, maar het programma
was al afgelopen. Mart sloot af met één
van Fedors motto's 'de hemel geeft, wie vangt
die heeft'. Bij het ontbijt stond een mooi sms-bericht
op Smeets' mobieltje. 'De hemel geeft, wie zweet
die kleeft'.