Interview
Michael Boogerd
Interview
Bram de Groot
Interview
Remmert Wielinga
Interview
Marc Lotz
Reportage
Levi Leipheimer
De één is de voornaamste troef voor
de dagsuccessen, de ander voor het algemeen klassement.
Een Spanjaard en een Amerikaan zijn in de Tour
de France de speerpunten van de Rabobankploeg.
Oscar Freire en Levi Leipheimer kijken alvast
vooruit. Vol verlangen.
Hij
oogt fris, het lijf is gebruind. Oscar Freire
(27) beseft dat de hele wereld hem vanaf zaterdag
in de gaten houdt wanneer het peloton rijen
dik op de finish afstormt. Dan dient hij - de
enige sprinter van de Rabo's - er te staan.
"Ik weet hoe belangrijk etappezeges voor
onze ploeg zijn", vertelt de voormalige
wereldkampioen. "Maar natuurlijk ook voor
mijzelf. De Tour is de belangrijkste etalage
waarin je kunt staan."
De Spanjaard begint in Parijs aan zijn tweede
Tour. Vorig jaar, in de kleuren van Mapei, debuteerde
hij met een etappezege. Het was (mede) voor
teammanager Jan Raas aanleiding hem voor veel
geld binnen te loodsen. "Ik voel me goed",
vertelt Freire. "Ik ben blij dat ik weer
naar de Tour ga. Ik wil de ronde dit jaar ook
uitrijden. Vorig jaar lukte dat niet vanwege
een valpartij." Freire denkt zelfs voorzichtig
aan de groene trui. "Maar dat hangt van
de eerste week af. Als ik die goed doorsta en
veel punten scoor, dan hoop ik serieus mee te
kunnen doen."
Freire
weet wat er in La Grande Boucle van hem wordt
verlangd. Zelf heeft hij er het volste vertrouwen
in dat hij de Rabobankploeg aan het gewenste
succes kan helpen. "De voorbereiding is
goed geweest", legt Freire uit. "Ik
heb in de Ronde van Catalonië laten zien
dat ik een sprint kan winnen." Maar de
concurrentie op de Franse wegen is moordend,
zo weet hij uit ervaring. "Toch verschillen
sprints in de Tour niet zoveel van andere",
gelooft Freire. "Elke sprint is anders.
Het moeilijkste is niet hoe je je rivalen aanpakt,
maar hoe je het zelf doet. Je kunt de concurrenten
niet vooraf bestuderen."
De sprintelite is in de Tour verlost van de
meester zelf, Mario Cipollini, wiens ploeg Domina
Vacanze geen uitnodiging kreeg van Tourdirecteur
Jean-Marie Leblanc. Maar Freire dient eventueel
wel af te rekenen met andere raspaardjes als
Robbie McEwen, Erik Zabel en Alessandro Petacchi.
"We zullen wel zien of ik ze kan verslaan",
klinkt het nuchter.
Robert Hunter wordt door de Rabo-teamleiding
afgevaardigd als het hulpje van Freire in de
massasprints. De Spanjaard is maar wat blij
met de aanwezigheid van de Zuid-Afrikaan. "Hij
kan me in de finale als geen ander helpen",
beweert Freire. "Nee, hij is niet speciaal
op mijn verzoek geselecteerd. Ik heb daar ook
niet om gevraagd. Dat heeft de ploegleiding
gewoon zelf beslist."
Levi
Leipheimer (29) kan in zijn poging een goed
klassement te rijden op meer luitenants rekenen.
Michael Boogerd en Remmert Wielinga dienen de
kleine Amerikaan in het hooggebergte bij te
staan. Leipheimer heeft zich ten doel gesteld
zijn prestatie van de vorige editie - de Amerikaan
eindigde als achtste in het algemeen klassement
- te overtreffen. "Als dat lukt is mijn
Tour geslaagd", verzekert hij.
Hij heeft zich, zo zegt hij, die druk zelf opgelegd.
Het strookt met het karakter van de Amerikaan,
altijd competitief en op zoek naar nieuwe grenzen.
"Ik weet wat ik kan en wil dat beter doen.
Want het kan altijd beter. Ik heb mijn grenzen
nog niet bereikt, leer elke dag bij."
Leipheimer, afkomstig uit de staat Montana,
is van nature bescheiden en een man van weinig
woorden. "Dat is mijn karakter", repliceert
hij op zachte toon. "Vraag maar aan mijn
vrouw." Maar op de fiets kan hij daarentegen
duizend doden sterven. "Als je de Tour
wilt rijden, dan moet je wel een beetje masochist
zijn", bekent hij. "Je moet pijn kunnen
lijden, vooral fysiek. Je verlegt constant je
grenzen. Dat is de uitdaging. Ik heb nog nooit
gedacht: dit is mijn maximum. Altijd ben je
op zoek naar hoe het nog beter kan. Natuurlijk
kent het menselijk lichaam een limiet. Je hebt
goede en slechte dagen. De kunst in de Tour
is om die slechte dagen te elimineren. Lukt
dat, dan ben je weer een stap verder."
"Op
mijn dertiende zag ik voor het eerst beelden
van de Tour de France", vervolgt Leipheimer.
"Op CBS. Daarna ben ik zelf ook gaan fietsen,
want ik wist meteen dat ik dat ook wilde."
Hij droomt stilletjes van een mooie etappezege.
Als hij moet kiezen tussen een plaats in de
topvijf van het eindklassement of een dagsucces
op L'Alpe d'Huez? "Hmm, moeilijk."
Na lang peinzen: "Ik denk toch Alpe d'Huez,
hoewel ik gezien mijn kwaliteiten waarschijnlijk
meer kans maak op een plaats in de topvijf.
Er zijn in mijn ploeg trouwens meer mensen die
op Alpe d'Huez willen winnen... Luz Ardiden
zou ook mooi zijn om te winnen."
Leipheimer vindt het de normaalste zaak van
de wereld dat de Tourploeg niet volledig rond
hem is geformeerd. "We hebben zoveel mogelijkheden
op succes", meent de Amerikaan. "Michael
kan winnen, Oscar... Dan moet je geen team bouwen
rond iemand die misschien vijfde wordt."
De werkwijze van US Postal - de ploeg rijdt
volledig in dienst van Armstrong - vindt Leipheimer
daarentegen zeer gerechtvaardigd. "Omdat
er geen ander is zoals Lance. Voor elke andere
ploeg zou het verspilde moeite zijn. Het is
heel lastig om Armstrong uit te dagen",
stelt Leipheimer. "De concurrentie kan
hem misschien wat pijn doen. Maar ik weet niet
of ik, of zoveel andere rijders uit mijn categorie,
dat daadwerkelijk kunnen."
<<
Terug
|