ga naar NOS home
Hoofdpunten
Nieuwsoverzicht
Interviews
Tour van Tax
Gert & Max
Etappeverslag
Klassementen
Etappeschema
Deelnemers
Historie
100 jaar Tour
NOS radio/tv
Wielinga droomt stiekem al van de witte trui
03-07-03

Remmert Wielinga heeft wat met de bergen. Als hij geen wielerprofessional zou zijn, stond hij waarschijnlijk als ski-leraar op de piste. Zijn bloed gaat sneller stromen zodra het bergop gaat. Als een komeet schoot hij dit jaar uit het niets naar de top van het wielerfirmament. Drie jaar geleden was Wielinga nog niet goed genoeg om prof te worden bij de Rabobank-ploeg. In juni toonde hij in de Dauphiné Libéré aan dat hij in de bergen met de besten mee kan. De Rabo-ploegleiding gunde hem prompt een plaatsje in de Tourploeg.

"Vroeger als amateur woog ik 70 kilo. Ik had toen zoveel reserves om mijn lichaam, dat het bergop leek alsof ik een bontjas aan had. Ze zeggen dat iedere kilo extra bergop een minuut scheelt. Nu weeg ik 65 kilo. Het is een van de belangrijkste verschillen met vroeger", licht Wielinga een tipje van de sluier op ter verklaring van zijn recente succes. De route er naar toe was echter niet zonder obstakels.

Meedoen aan de Ronde van Frankrijk is een droom die werkelijkheid wordt, maar drie jaar geleden nog erg ver weg leek. Als lid van de amauteurploeg van Rabo was hij geen uitblinker en een overstap naar de profploeg zat er dan ook niet in, zo werd hem meegedeeld. "Ik was een redelijk goede amateur, kon redelijk tijdrijden. Bergop was ik goed, maar niet spectaculair. Er was geen plaats voor mij in de profploeg. Als ik heel goed had gereden, hadden ze wel plaats gemaakt", concludeert de Einhovenaar reëel.

Colporteur

De toen 22-jarige coureur wist echter één ding zeker: hij zou koste wat kost prof worden. Als een colporteur bood hij zijn diensten aan bij naar eigen zeggen een stuk of vijftien ploegen. "Ik wilde ergens onderdak vinden. Je gaat mailtjes sturen en bellen." De Italiaanse formatie De Nardi hapte toe. "Ik had met ze gebeld en er was wel interesse. Na een gesprek kon ik tekenen."

De Nardi had ambities om een topploeg te worden, maar wist de middelen daarvoor uiteindelijk niet te vergaren. Maar voor Wielinga was het een goede leerschool. "Ik heb me ontwikkeld. Je ziet het wel vaker. Jongens die bij de amateurs goed zijn en er bij de profs niet aan te pas komen. De mindere amateurs maken meer progressie en komen aan de oppervlakte."

Zo ook Wielinga. In zijn eerste jaar had hij het nog moeilijk en waren de uitslagen er niet. In zijn tweede seizoen in Italiaanse dienst reed hij in de weinige koersdagen (42) die hij kon rijden, vanwege de beperkte financiën van zijn ploeg, regelmatig goed van voren. "In Italië heb ik zware koersen gereden. Die liggen mij", merkte hij. In een koers waar ook de Rabobankploeg actief was, viel de 1.82 meter lange renner op bij ploegleider Frans Maassen. De oud-renner deed een goed woordje voor Wielinga en niet veel later stond Jan Raas op Wielinga's voice-mail.

Sprookjesboek

Daarna verliep het leven van de Brabander als een sprookjesboek. Zijn contract in Italië liep af en hij ging dan ook graag in op de aanbieding van Rabo. Zo kwam het dat hij begin dit jaar zijn rentree maakte bij de oranje-blauw-witte formatie en dit keer als prof. Sneller dan verwacht maakte hij de verwachtingen waar. In februari won hij twee etappes in grote meerdaagse koersen. "Het was een grote verrassing. Ik had nog nooit een koers gewonnen. Bij de amateurs niet en bij de junioren niet. Dan win ik ineens twee koersen als beroepsrenner. Dat is toch moeilijk te bevatten. Het is een ongelofelijk gevoel, ik wist niet wat ik meemaakte."

WielingaAlsof het succes hem niet gegund was, volgde een terugslag. Wielinga kreeg last van zijn rechterknie en kon zijn goede prestaties daardoor geen vervolg geven. "In de loop der jaren had ik mijn zadel lager en verder naar voren gezet. Iedereen zei dat ik zo laag zat. Ik heb het zadel weer omhoog en verder naar achteren gezet." De verkeerde positie op de fiets leverde klachten op aan zijn gewricht. Nu zijn fiets weer juist is afgesteld, zijn de problemen voorbij. Hij verwacht ook niet dat ze in de toekomst terug zullen keren. Wellicht dat deze mindere periode zelfs uiteindelijk goed heeft uitgepakt, speculeert hij hardop. "Ik ben nu fris, als ik alles had gereden was ik misschien wel in een andere conditie geweest."

Zijn grote doorbraak volgde in de Dauphiné Libéré. Hij ontpopte zich ook tot zijn eigen verrassing als een klassementsrenner, die op alle terreinen een woordje meespreekt. "Ik had op het trainingskamp al gezien dat ik goed was, dan weet je dat je in de Dauphiné mee kunt rijden. Maar het is wel iets unieks als je met de besten meegaat. Ineens zat ik tussen de grote mannen te rijden, die ik het jaar daarvoor slechts op de tv had gezien."

Sterrenstatus
Zijn Tour-selectie beschouwt Wielinga als een logisch gevolg. "Mijn rijden in de Dauphiné kwam als een verrassing, maar toen ik daar zo goed reed rekende ik er op." En met hem heel wielerminnend Nederland. Wielinga was ineens hot en de media stortten zich massaal op deze nieuwe ster. Dat was wel anders dan hij gewend was, maar hij paste zich snel aan aan zijn nieuwe status. "Ik begrijp wel dat mensen alles van me willen weten. Vorig jaar in Italië moest ik de journalisten nog opbellen." Zelfs tijdens trainingen is hij niet meer 'veilig', maar hij blijft er heel rustig onder. "Ik kom groepjes wielertoeristen tegen die zeggen: 'Wielinga succes in de Tour'. Dat is wel leuk."

Het kenmerkt Wielinga. Hij is zeer nuchter en overtuigd van zichzelf en wordt niet nerveus van de hoge verwachtingen die hij heeft opgeroepen. "Ik maak me niet druk. Ik hoop dat mensen gelijk hebben. Ik weet wat ik kan en wat mijn mogelijkheden zijn. Ik heb nog nooit een ronde van drie weken gereden. Ik kan wel plannen maken, maar het kan dan alleen maar tegenvallen. Ik ben tevreden als ik er alles uitgehaald heb."

Maar hij heeft wel degelijk enkele doelen in zijn hoofd en hij is niet bang zijn ambities uit te spreken. "Ik zou een tiende of elfde plaats in het klassement mooi vinden. Ik hoop kans te maken op de witte trui voor de beste jongere (coureurs niet ouder dan 25 jaar). Het zou betekenen dat ik in de bergen bij de beste klassementsrenners zou zitten. Ik reed in de Dauphiné al bergop bij de beste vijf à tien. In de Tour komen er nog tien bij."

Een goede eindklassering vindt hij meer waard dan een etappewinst. Alhoewel, als het over de etappe naar Alpe d'Huez gaat, liggen de zaken anders. Als zeventienjarige reed hij de beklimming op een mountainbike al eens in 48 minuten. "Stiekem denk ik wel eens aan de Alpe d'Huez. Het is de koninginnenrit in de Alpen", zegt hij met een veelbetekende glimlach.

<< Terug

 

 

 
NOS sport NOS nieuws NOS home Radio Tour Studio Sport NOS tour-spel Chat rabobank Columns SMS service Tour journaal Radio Tour de France