|
Dolblij was hij toen hij werd uitverkoren om
met de Rabobankploeg naar de Tour de France
te gaan. Hij keek er naar uit, maar na twee
dagen was zijn avontuur alweer voorbij. Marc
Lotz raakte bij de valpartij in de eerste etappe
zo ernstig geblesseerd dat hij niet verder kon.
Waar anderen in een soortgelijke situatie even
niets meer met het evenement te maken willen
hebben, is Lotz thuis in het Belgische Smeermaas
aan de buis gekluisterd.
"Natuurlijk baal ik ervan dat ik er niet
meer bij ben, maar ik volg het wel. Het valt
me op dat er zoveel aandacht aan de Tour wordt
besteed. Dat wist ik niet. Ik vind het allemaal
mooi om te zien", vertelt de onfortuinlijke
coureur. Een jaar geleden, toen hij buiten de
selectie van de Tourploeg werd gehouden, was
dat wel anders. "Toen wilde ik er niets
van weten."
Grootste zorg
De eerste dagen na het incident in Meaux was
het missen van de rest van de Ronde van Frankrijk
niet de grootste zorg van Lotz. "Die val blijft
in het begin door je hoofd spoken. Je bent dan
alleen maar bezig met die val, de verwondingen
en de operatie. Je beseft dat het allemaal ook
slechter had kunnen aflopen. Ik had wel in een
rolstoel terecht kunnen komen."
De 29-jarige Lotz hield aan de valpartij verwondingen
aan zijn linkeroog over. De bodemplaat in zijn
linkeroogkas was gebroken, hij had een fractuur
in zijn kraakbeenoog en een gescheurd traanbuisje.
De renner, die donderdag onder het mes is gegaan,
houdt geen blijvend letsel over aan de val,
"maar", zo zegt hij, "mijn gezicht ziet
er niet uit. Ik hoop maar dat het snel verbetert."
Lotz heeft zo nu en dan contact met Rabo-kopman
Levi Leiphemer, die het zitbot in zijn linkerbil
brak bij de beruchte valpartij in Meaux. "We
sms'en met elkaar zo van 'hoe voel jij je? Klote
en jij? Ook klote'." Volgens Lotz is Leipheimer
er een stuk slechter aan toe dan hij. "Levi
heeft veel pijn. Hij kan bijna niet zitten,
dus fietsen is al helemaal niet mogelijk."
Alpenritten
Nu de renner de grootste schrik te boven is
en de operatie achter de rug heeft, dwalen zijn
gedachten vaak af naar Frankrijk. Dat was vooral
het geval bij de Alpenritten. "We hebben
al die bergen met de ploeg verkend en dan denk
je 'daar had ik bij kunnen rijden'." Ook
de beelden van zijn ploegmaatjes samen aan tafel,
doen hem even slikken. "Ik mis die mensen
daar. Ook het personeel", klinkt hij weemoedig.
En dan weer wat opgewekter: "Maar ja, ik
moet proberen me hier maar een beetje te vermaken
hè."
En dat doet hij onder meer door het volgen van
de Tour op de televisie en het afstruinen van
nieuwtjes op internet. Over de verrichtingen
van zijn collega's bij Rabobank is hij duidelijk.
"De ploeg komt niet uit de verf."
Toch is hij positief over het tweede deel van
de Tour. "Ik verwacht dat Boogerd in de
Pyreneeën een dag gaat uitpakken. Je zag
dat hij in de Alpen al goed meeging en hij wordt
met de dag beter."
Trainingsachterstand
Afgelopen maandag stapte Lotz voor het eerst
weer op de fiets. "Maar dat sloeg nergens
op hoor. Ik kom niet vooruit. Mijn hele lichaam
is stijf en ik heb ook nog last van de narcose."
De wereldbekerwedstrijden in augustus (de HEW
Cyclassics, de Clasica San Sebastian en het
Kampioenschap van Zürich) kan hij vrijwel
zeker vergeten. "Daarvoor is mijn trainingsachterstand
dan nog te groot."
Lotz denkt wel stiekem aan de Ronde van Spanje
in september en aan het WK op de weg in het
Canadese Hamilton. "Het WK is gelukkig
pas in oktober dus dat moet te doen zijn."
Ook hoopt hij diezelfde maand Michael Boogerd
bij te kunnen staan in de Ronde van Lombardije.
Boogerd staat tweede in de stand om de wereldbeker
en kan zijn ervaren knecht dus goed gebruiken.
<<
Terug
|