|
Bram de Groot is bezig aan zijn beste profjaar
tot nog toe. De uitverkiezing voor de Tour de
France-ploeg van Rabobank is dan ook geen verrassing.
Met twee etappezeges in sterk bezette rondes heeft
de Noord-Hollander het juk van eeuwig talent afgegooid.
De renner uit Zevenhoven is geen groentje meer.
Hij heeft de hardheid van het grootste wielerspektakel
ter wereld al in alle facetten ervaren. Op 1 juni
1999 maakte hij bij Rabobank de overstap van de
amateurploeg naar de profs. In 2001 mocht hij
voor het eerst met de Nederlandse ploeg mee naar
de Tour de France.
De Groot zag in die editie van de Tour twee kanten
van de medaille. In de achtste etappe, die gewonnen
werd door Erik Dekker, eindigde hij als achtste
op 2.32 van zijn Drentse ploeggenoot. Omdat het
peloton meer dan 35 minuten verloor op de ritwinnaar,
steeg De Groot naar de derde plaats in het algemeen
klassement.
Na twee bergritten viel hij echter ver terug,
waarna zijn Tour in de twaalfde etappe in mineur
eindigde. De Groot kwam zwaar ten val tijdens
de afdaling van de Col du Jau en werd per helikopter
afgevoerd naar het ziekenhuis in Perpignan. Daar
werden een hersenschudding en diverse kneuzingen
in zijn gezicht geconstateerd.
In 2002 mocht hij het nogmaals proberen. In zijn
tweede Tour reed hij vrij naamloos rond, maar
slaagde De Groot er wel voor het eerst in Parijs
te halen. Dat stadium is de 28-jarige coureur
voorbij. De vorm is goed en hij zal dan ook proberen
de juiste ontsnapping te kiezen. Niet alleen in
de vlakke ritten, maar ook in de licht geaccidenteerde
etappes kan hij goed uit de voeten. Daarnaast
zal hij een van de voornaamste rouleurs moeten
zijn in de ploegentijdrit. De verwachtingen zijn
hooggespannen.

|