 |
|
|
|
Zwabberende Zaaf bereikt heldenstatus
Om een Tourlegende te worden is winnen geen absolute noodzaak.
Ook mooi verliezen spreekt tot de verbeelding. Als het
maar in stijl gebeurt. Je helemaal de vernieling in rijden
is misschien wel de meest heroļsche manier om in de historie
voort te leven. Abdel-Kader Zaaf geldt als zo'n legende.
Zwabberend verwierf de Algerijn zich in 1950 in de buurt
van Nīmes onbedoeld de heldenstatus.
Snikheet is het op de dertiende dag van de Tour. De meeste
renners hangen bij 35 graden amechtig over het stuur,
zich lavend aan water en diverse sapjes. De tongen voelen
aan als kurk en zelfs bier wordt niet afgeslagen. De Algerijn
Zaaf voelt zich bij die Afrikaanse omstandigheden als
een vis in het water en smeedt snode plannen. Met nog
meer dan 200 kilometer voor de boeg knijpt hij er in de
rit van Perpignan naar Nīmes, in het gezelschap van zijn
landgenoot Marcel Molines, tussenuit.
Zwabberen
Gekkenwerk, zo denkt iedereen. Het naar verkoeling smachtende
peloton haalt de schouders op en laat de twee begaan.
De Algerijnse tandem werkt goed samen en bouwt gestaag
aan een voorsprong van meer dan twintig minuten. Tot op
pakweg twintig kilometer van Nīmes, waar Zaaf plotseling
vervaarlijk begint te zwabberen. Het geslinger eindigt
in een valpartij, waarna toeschouwers de renner onder
een boom leggen.
Terwijl Molines onbedreigd naar de winst koerst, valt
de uitgeputte en uitgedroogde Zaaf in de schaduw van de
boom in slaap. Minuten later komt hij enigszins bij zijn
positieven, klimt op de fiets en vervolgt zijn weg. De
Algerijn doet dat, tot ontsteltenis van de omstanders,
in omgekeerde richting. Zaaf slaat geen acht op de hevig
gesticulerende toeschouwers en rijdt enige tijd het peloton
tegemoet. Tot hij opnieuw valt en in een greppel blijft
liggen. Uiteindelijk bereikt hij toch Nīmes. Per ambulance
en in kennelijke staat verkerend.
De exoot Zaaf is na zijn avontuur twee jaar lang een graag
geziene gast op criteriums in diverse Europese landen,
waarna hij terugkeert naar Chebli, vlakbij Algiers. Er
wordt meer dan drie decennia lang niets meer van hem vernomen,
waardoor de speculaties over de achtergronden van zijn
wonderlijke ineenstorting de ronde blijven doen. Zaaf
zou een hele fles wijn hebben leeggedronken roept de één,
hij heeft een heel doosje peppillen in één keer ingenomen,
weet een ander.
Ware toedracht
In 1982 keert Zaaf voor een oogoperatie terug naar Parijs,
waar hij op zijn 65ste verjaardag de ware toedracht uit
de doeken doet. "Ik stierf bijna van de dorst, toen ik
een drinkbus kreeg aangereikt. Nadat ik die had leeggedronken,
begon de weg voor mijn ogen te draaien. Volgens mij heeft
er pure alcohol in gezeten. Ik ging onderuit, viel onder
een boom in slaap en werd wakker in het besef dat ik wijn
dronk. Een supporter had een fles in het café gehaald
en die aan mijn mond gezet. Stinkend naar de drank ben
ik opgestapt en per ongeluk de verkeerde kant opgereden.
Toen ik opnieuw was gevallen, ben ik maar in de greppel
blijven liggen."
Na zijn oogoperatie keerde Zaaf weer terug naar Chebli,
waar hij in 1986 op 69-jarige leeftijd overleed. Een winnaar
was hij niet, maar hij schreef met zijn bizarre belevenissen
in de buurt van Nīmes wel een prachtig stukje Tourhistorie.
Nog altijd maakt de episode bij de wielerliefhebber, al
dan niet onder het genot van een goed glas wijn, de tongen
los. Alleen al daarvoor zijn we Zaaf eeuwig dank verschuldigd.
|
|

|
|
|
|
|
|
 |