| |
23 februari 2002
Beste Jacques,
Ik schrijf je deze brief vanuit de diepste spelonken
van het Kremlin. Niemand
hoeft ervan te weten, maar ik vind het wel de hoogste
tijd dat wij met elkaar open kaart spelen. Want, kameraad
Rogge, even tussen jou en mij, waar ben je nou toch
mee bezig?
Hoe durf jij het grote Rusland zo te kleineren? Wie
denk je wel dat wij zijn? België? Een paar shorttrackers,
een kunstrijder en een overgelopen Hollander? Nee beste
Jacques, wij zijn Russia. Een trots land dat zich niet
laat naaien door de Amerikaanse samenzwering.
Want dat is het Jacques, dat is het. Een vooropgezet
plan van de Amerikanen om zoveel mogelijk medailles
binnen te halen. Een vooropgezet plan ook om ons nog
verder te vernederen. Alsof wij in Moskou niet weten
dat we de Koude Oorlog hebben verloren. Dat wisten we
tien jaar geleden al.
We verloren niet alleen het politieke prestige. Maar
we verloren ook de Sovjet-staten, we verloren het communisme,
we verloren van de corruptie, we verloren Mir, we verloren
alles, maar vooral, we verloren jouw voorganger, Samaranch,
mijn oude kameraad. Met Juan-Antonio deed ik al zaken
toen hij Spaans ambassadeur was in Moskou en ik voor
de KGB werkte en toen jij nog als onwetend liefhebber
voor de Belgische kust zeilde.
Maar onder geen beding, beste Jacques, wens ik te verliezen
in de Olympische
arena. Jij noemt mij emotioneel. Jij noemt mijn volk
emotioneel. Maar zeg nou
zelf, hoe kun je kalm blijven bij zoveel onrecht? Brood
en Spelen, dat wil het volk. Brood kan ik ze niet geven,
dus zijn de Spelen het enige dat overblijft. En dat
wordt ons nu ontnomen.
Zilver bij het kunstrijden voor Irina Sloetskaya. Brons
vandaag bij het ijshockey. Wat wordt ons totaal? Minder
dan twintig medailles? Dat is onverkoopbaar. Maandagochtend
begint hier de revolutie. Daarom, beste Jacques, heb
ik de Winterspelen van Salt Lake City publiekelijk een
flop genoemd. Een flop.
Dat moest Jacques, dat moest. Weglopen, zoals mijn
Olympische kameraden in
Salt Lake City zo dapper dreigden, zou natuurlijk onverstandig
en weinig tactisch zijn geweest. Maar dat was wel wat
ik eigenlijk het liefst had gedaan. Al was het alleen
maar om de Amerikanen te laten zien dat niet zij, maar
wij degenen zijn van wie de Olympische Spelen afhankelijk
zijn.
Zonder Rusland geen Amerika, zonder Koude Oorlog geen
Olympische Spelen.
Beste Jacques, het is nu aan jou om over twee jaar in
Athene te laten zien hoeveel jij werkelijk van mij,
van mijn volk, en van ons Russia houdt.
Dikke kus, kameraad,
Vladimir
|