10 februari 2002
Gek is-ie. Miroslav Satan. Gek genoeg van goud om als
een volslagen idioot door Amerika te razen. Miroslav de
Slowaak was er niet bij, afgelopen vrijdagnacht bij de
openings-ceremonie. Anders dan die slappe Oranje-klanten
had de ijshockeyer wel een heel goeie reden.
Hij zat in het vliegtuig. Hopend en biddend dat-ie
het zou redden. Een race tegen de klok. Vrijdagavond
namelijk speelde Satan met zijn Amerikaanse club Buffalo
Sabres thuis tegen de Senators. Het partijtje in de
National Hockey League, de Noordamerikaanse profcompetitie,
liep een beetje uit, en dus stapte Satan laat in het
vliegtuig, een privé-jet.
Na middernacht landde hij in Wyoming, stapte in een
auto en arriveerde om half drie in de ochtend in Salt
Lake City. Om negen uur was de training. Gisteravond
speelde Satan in het Slowaakse shirt tegen Duitsland.
De eerste ronde van het Olympisch ijshockey-toernooi.
Duitsland won en met de pest in zijn lijf stapte Satan
direct na afloop opnieuw in het vliegtuig.
Op naar New Jersey, waar hij vandaag alweer aantreedt
in het shirt van de Buffalo Sabres. Ruim zesduizend
kilometer in minder dan 48 uur. Een fraai staaltje vaderlandsliefde
noodgedwongen gekoppeld aan contractuele verplichtingen.
Want zijn baas, de NHL, geeft hem geen vrij voor de
Winterspelen. Strijden om Olympisch goud doe je maar
in je eigen tijd.
Het is een bizarre kronkeling. Profspelers mogen nu
voor de tweede keer meedoen aan de Spelen, maar op dit
moment is ook de gewone competitie in volle gang. Twaalf
dagen neemt de NHL vrijaf, en die periode gaat pas aanstaande
vrijdag in. Dan begint het Olympisch hoofdtoernooi,
met de Dream Teams van Canada, Amerika, Rusland, Zweden,
Finland en Tsjechië.
Tot die tijd spelen acht kleinere landen voorronde-wedstrijden,
waaronder
Slowakije. En dus moest Satan zich in alle bochten wringen
om de eer van zijn
land hoog te houden. Van een uitzondering wilde de bond
niks weten. Olympische Spelen zijn leuk en aardig, maar
de internationale verbroedering mag niet ten koste gaan
van het product prof-ijshockey. Die twaalf dagen zijn
in de ogen van de NHL niet meer dan een langgerekte
commercial.
Komt dat zien, komt dat zien. De sterren van de NHL
in het circus van het IOC. Aan dergelijke marketing-strategie
heeft Miroslav de Slowaak geen boodschap. Miljoenen
dollars verdient-ie in Buffalo, dus voor het geld hoeft-ie
niet te doen. Goud is na de nederlaag van zaterdag al
een hels karwei geworden, en wellicht dat-ie straks
twaalf dagen vrij is. Maar zolang die eeuwige roem nog
in zicht is, blijft-ie deze week als een gek op en neer
shuttelen naar Salt Lake City.
|