|
Overdenking
van dichter/ex-priester Huub Oosterhuis
Schriftlezing
Oosterhuis uit Prediker
Prins Claus was een mens die tijdens zijn leven de begrippen solidariteit
en verdraagzaamheid hoog in het vaandel droeg. Dat zei priester-dichter
Huub Oosterhuis tijdens de uitvaartdienst van de prins in zijn herdenkingstoespraak.
Claus was niet zo'n kerkganger, zei Oosterhuis. "Het woord
God kwam niet over zijn lippen. Iedere dogmatische stelligheid was
hem vreemd. Hij had meer vragen dan antwoorden. Hij zocht God onder
de mensen."
Oude
Testament
Oosterhuis plaatste zijn overdenking
tijdens de uitvaartdienst voor prins Claus in het teken van het
oude testament. De prins had dit pas op latere leeftijd ontdekt.
In zijn jeugd werd het bestaan van dit eerste joodse boek van de
Bijbel verdoezeld, evenals het gegeven dat Jesus een jood was.
Claus noemde het Oude Testament "onuitputtelijk vindingrijk" vooral
waar het gehoor geeft aan de oproep tot verdraagzaamheid en waardigheid.
Prins Claus zag liefde als praktische solidariteit, zei Oosterhuis.
"Heb lief de vreemdeling; jaag hem niet op, jaag hem niet weg."
Verzoening
Oosterhuis herinnerde aan een gesprek dat hij in het AMC had met
Claus op de jongste Koninginnedag. Samen keken zij naar het tv-verslag
van het bezoek van de koninklijke familie aan Hoogeveen en Meppel.
"Daar zijn ze", had Claus gezegd. "Ze doen het goed.
Daar was mijn plaats, naast haar."
En hij straalde, aldus Oosterhuis. Claus
zei dat hij nooit had geweten waar hij bij hoorde: Duitsland, Afrika,
Nederland? Nu wist hij het wel: Nu hoor ik bij hen".
Oosterhuis prees de rol die de prins als Duitser speelde bij de
verzoening van Nederland. Claus was "als Duitser in staat Nederlandse
oorlogswonden te genezen." Uit erkentelijkheid voor deze verdienste
werd na de overdenking een lied in het Duits gezongen waarvan ook
een Nederlandse tekst bestaat: "So
nimm denn meine hände". Claus hoopte dat ook hem dat
zou overkomen, lichtte Oosterhuis de tekst toe aan het slot van
zijn herdenkingsrede.
Oosterhuis deed tijdens de uitvaartdienst, die werd geleid door
dominee Carel ter Linden, ook de eerste schriftlezing. Het betrof
een eigen vertaling van het
bijbelverhaal Prediker 12:2-7.
|
|