|
|
 |
|
|
|
|
 |
 |
|
|
 |
 |
 |
 |
 |
'Journalisten
moeten schijn partijdigheid vermijden'
|
27-02-2002
|
| |
Natuurlijk
mogen journalisten lid zijn van een politieke partij.
Dat is tenslotte een grondrecht. Maar ze krijgen dan wel
de schijn tegen, en dat kunnen ze beter vermijden. Zo
luidt de conclusie van een debat van de Nederlandse Vereniging
van Journalisten (NVJ). Onder de debaters: Mark Kranenburg
van NRC Handelsblad, die onlangs zijn lidmaatschap opzegde
van een werkgroep van de aan de PvdA gelieerde Wiarda
Beckman Stichting.
Kranenburg
is een van de journalisten die op 10 februari door de
partijvoorzitter van Leefbaar Nederland werd "ontmaskerd
als mol". Jan Nagel toonde in het tv-programma Buitenhof
notulen van de werkgroep, die volgens hem als doel had
zijn partij in een rechtse hoek te zetten en Pim Fortuyn
de fout in te laten gaan.
Schijn des kwaads
Die actie heeft Kranenburg er uiteindelijk toe gebracht
zich terug te trekken uit de werkgroep. "Ik was beladen
met de schijn des kwaads", verklaart hij in het gezelschap
van journalisten in Den Haag. "En dat straalde ook
af op mijn collega's. Sinds kort ben ik chef van de Haagse
redactie van het NRC en de verslaggevers kregen te horen
dat ze dus onder leiding van de PvdA werkten. Dat was
te nadelig."
"Jammer", reageert Volkskrant-journalist Hans
Wansink vanuit de zaal, "dat Kranenburg zulke verregaande
consequenties verbindt aan de uitspraken van Nagel".
Wansinks naam staat ook op het velletje papier van Nagel.
Bovendien is hij een van de auteurs van het interview
dat Pim Fortuyn ten val bracht. Hij piekert er niet over
de werkgroep van journalisten en politici te verlaten.
"Je verrijkt jezelf als journalist als je in zo'n
club interessante mensen uitnodigd om van gedachten te
wisselen."
Schijndebat
Andere aanwezigen vinden echter dat journalisten elke
schijn van partijdigheid moeten vermijden. Nu is een clubje
met het stempel van de PvdA in een kwaad daglicht gesteld.
Maar wat als het was gegaan om een journalistenwerkgroep
met banden met de extreem-rechtse Centrum Democraten (CD),
vraagt hoofdredacteur Arendo Joustra van Elsevier zich
af.
Joustra vindt dat er een schijndebat wordt gevoerd. Want
het gaat er volgens hem niet om of de beroepsgroep vindt
of journalisten politiek actief mogen zijn. "De lezers
vinden het een kwaad, en dus moet je het niet doen. De
geloofwaardigheid van de journalistiek staat toch al zwaar
onder druk. Er bestaat een soort natuurlijke tegenstelling
tussen de overheid en burgers. Politici horen bij de kant
van de overheid, en ik vind dat journalisten meer bij
de andere kant moeten horen."
Grondrecht
Onder de debaters is ook Marleen Barth, Tweede Kamerlid
voor de PvdA. Zij werkte voor dagblad Trouw, maar gaf
die baan eraan toen ze de politiek inging. "Voor
mijzelf vond ik die twee functies niet verenigbaar."
In het algemeen ziet ze echter geen bezwaar. "Het
passief kiesrecht is een grondrecht en dat kun je niet
zomaar voor een hele beroepsgroep afschaffen."
De overstap van Barth van Trouw naar de politiek riep
in 1997 veel discussie op. Lezers zouden zich met terugwerkende
kracht belazerd voelen waar het ging om de objectiviteit
van haar artikelen. Maar het wantrouwen sneed geen hout,
stelt de politica. "Het NRC heeft destijds onderzocht
of ik subjectief over de PvdA had geschreven. Maar het
bleek dat ik eerder kritischer was geweest dan andere
journalisten."
Verkeersongeluk
Barth schaart zich achter de uitspraak van Mark Kranenburg
dat "journalisten eigenlijk alleen maar een Nederlandse
katholiek kunnen zijn". Dat wil zeggen dat zij het
heel ruim kunnen nemen met de regels, die in dit geval
betrekking hebben op het eventuele lidmaatschap van een
politieke partij.
"Er zijn geen hele strenge regels", aldus Kranenburg.
"Een sportjournalist mag wat mij betreft gemeenteraadslid
zijn van de ChristenUnie in de Alblasserwaard. "Maar
als je als parlementair verslaggever in Den Haag bent,
is het een ander verhaal. Dan gaat de vergelijking op
met een journalist die zijn kind verloren heeft door een
verkeersongeluk. Die schrijft minder objectief over de
verkeersveiligheid."
Ga terug
|
|
|
 |
|
|
|