|
Val
kabinet een fraai staaltje campagne
Door Joost Karhof - Den Haag Vandaag
Geen
tranen, geen strijd, zelfs geen woede. Toen het kabinet
Kok op 16 april aftrad spraken de partijen in de Kamer
bijna zonder uitzondering van "respect" voor het besluit
van Kok. Zelfs Jan Marijnissen van de SP, normaal gesproken
niet vies van stevige kritiek op Paars, was onder de
indruk van het gebaar van Kok en de zijnen. Dat gold
natuurlijk des te meer voor de regeringspartijen.
Toch moet er bij PvdA, VVD en D66 meer aan de hand zijn
geweest. Ik verdenk die partijen er zelfs van een beetje
te hebben gejuicht toen Kok zijn ontslagbrief inleverde
bij de Koningin. Natuurlijk: eerst ernstige waardering,
maar daarna moet de blijdschap hebben toegeslagen. Ga
maar na: eindelijk een antwoord op Balkenende's verwijt
dat Paars de sorry-cultuur tot kunst heeft verheven
en ook die vermaledijde Fortuyn kreeg z'n trekken thuis.
Die kon nooit meer beweren dat dat slappe Haagse zooitje
te zeer aan het pluche gehecht was. Een klap in het
gezicht van de concurrenten, dat aftreden van Paars
II. Met de verkiezingen binnen handbereik een fraai
staaltje campagne van 's lands grootste partijen.
Of toch niet? De kiezer was namelijk in het geheel niet
onder de indruk van het aftreden van het kabinet. Van
waardering voor het aftreden bleek in de peilingen niets:
PvdA, VVD en D66 staan onverminderd op fors verlies.
De kiezer haalt zijn schouders op voor zo'n gebaar in
het zicht van de stembusstrijd of vindt dat bewindslieden
al veel eerder conclusies hadden moeten verbinden aan
het Srebrenica-drama.
Sloeg de blijdschap dan om in treurnis? Nee! De val
van het kabinet bood met name PvdA en VVD namelijk waar
die partijen naar snakten: vrijheid. Eindelijk hadden
de twee tegenpolen van weleer de handen vrij om aan
de kiezer te laten zien dat zij wel degelijk verschillen.
Niet langer waren de regeringspartijen verplicht het
kabinetsbeleid van de afgelopen acht jaar te verdedigen.
In plaats daarvan namen socialisten en liberalen zo
veel mogelijk afstand van elkaar. En dat hebben we geweten.
Anarchie en onvoorspelbaarheid regeerden in de laatste
Kamerweek. Het kabinet was nog niet gevallen of Melkert
wees deelname aan de ontwikkeling van de nieuwe straaljager,
de JSF, af. Maar de VVD had het antwoord klaar en verwees
het anti-fileplan van PvdA-minister Netelenbos in een
klap naar de prullenbak. De messen waren geslepen. Dijkstal
liet weten liever niet meer met de PvdA te regeren en
Melkert lonkte op zijn beurt naar een centrum-linkse
coalitie, zonder de VVD.
De profileringsdrang van PvdA en VVD is logisch: het
is het enige verweer tegen Pim Fortuyn. Die dankt zijn
succes immers aan de ontevredenheid over het Haagse
establishment. Onvrede die wortel kon schieten omdat
onder Paars de indruk werd versterkt dat het in Den
Haag een pot nat was. Juist omdat de tegenpolen samen
regeerden. Nu kunnen PvdA en VVD eindelijk duidelijk
maken waar ze staan en hopen op die wijze stemmen terug
te winnen. Hopen. Meer is het niet, want de paarse partijen
hebben hun eigen identiteit te laat herontdekt. De wortel
Fortuyn is al een flinke boom, terwijl PvdA en VVD rekening
moeten houden met een stevige snoeibeurt op 15 mei.
|