"Ik ben een topper"
"Ik ben een topper." Hij wist het zelf
al heel lang, maar krijgt daarvan in de Tour 2002
de definitieve bevestiging. Op een mooie woensdag
in juli schrijft Michael Boogerd de konginnenrit
van Les Deux Alpes naar La Plagne op zijn naam.
Op een indrukwekkende manier, want de laatste 85
kilometer rijdt hij solo. Boogerd blijft net uit
de greep van Lance Armstrong en viert de mooiste
triomf uit zijn loopbaan. Eén die waarschijnlijk
nooit meer overtroffen zal worden. "Ik heb
ervan gedroomd om in één keer van
alles af te zijn. Om één keer te kunnen
zeggen dat ik de beste ben."
Zes jaar na zijn debuut in de Tour (bekroond
met een ritzege) valt alles voor de Hagenaar op
zijn plaats. De druk van het kopmanschap is weg
met de komst van Levi Leipheimer, geestelijk is
hij in balans. "Ik ben niet meer dezelfde
renner als in '96", stelt Boogerd. Ik heb
als coureur een bepaald beeld van mezelf gecreëerd.
Mensen gaan ervan uit dat ik zo ben en zelf doe
ik dat ook. Maar het is tijd dat ik op een andere
manier renner ben."
Hij maakte zichzelf jarenlang gek. Hij werd getypeerd
als Neerlands nieuwste ronderenner. Maar dat is
Boogerd niet, zo ontdekken hij en de teamleiding.
"Het is makkelijk om aan de top te komen,
maar om er te blijven is een ander verhaal",
weet de Hagenaar inmiddels uit ervaring. "Ik
heb het de afgelopen jaren heel moeilijk gehad.
Wist niet wat precies mijn weg was. Nu voel ik
me op mijn plek, omdat Levi erbij is. Ik was nooit
relaxed en ontspannen."
Boogerd schudt alle frustraties op La Plagne
van zich af. Hij is niet meer de man die hij was,
rijdt later zelfs nog een imponerende tijdrit.
De Hagenaar beëindigt de Tour na drie weken
fietsen als twaalfde. Knap, maar die ene woensdag
op La Plagne, dat was waar het hem werkelijk om
ging.
Lees ook:
NOS-site
Tour de France
|