| |

|
| Bijna
200 doden bij bomaanslag op Bali |
13
oktober |
Verslag
NOS-Journaal (13-10-2002)
Portret
Bashir (19-10-2002)
"Het
was een goed georganiseerde actie" (13-10-2002)
Verslag
van de nasleep op Bali (23-10-2002)
Bijna tweehonderd mensen komen om het leven bij
een aanslag in het vakantieoord Kuta Beach op het
Indonesische eiland Bali. De meeste slachtoffers
zijn buitenlanders, waaronder 78 Australiërs. Ten
minste één Nederlander komt om het leven. Een aantal
andere Nederlanders raakt gewond. De aanslag lijkt
het werk van fundamentalistische moslims, die de
hedonistische levensstijl van de vakantiegangers
verafschuwen.
De plek van de aanslag toont hoe zwaar de aanslag,
gepleegd met een autobom, is geweest: op de plaats
waar eens discotheek Sari Club stond, gaapt nu een
enorme krater van acht meter in doorsnede. Ook van
een nabijgelegen club, de Padi Bar, is niets meer
over.
Direct na de aanslag wordt een negatief reisadvies
uitgegeven door de reisorganisaties en het ministerie
van Buitenlandse Zaken. Behalve Nederlandse toeristen
blijven ook andere vakantiegangers massaal weg uit
Indonesië. De politie van dat land doet, geholpen
door buitenlandse experts, inmiddels zijn uiterste
best de daders te achterhalen. Dat lukt wonderwel.
Binnen enkele weken pakken de autoriteiten een verdachte
op die de aanslag bekent. De man, Imam Samudra,
zou lid zijn van de terroristische groep Jemaah
Islamiyah. Ook de leider van die groepering, Abu
Bakar Bashir, wordt ondanks gewelddadige protesten
aangehouden.
Vooralsnog verdenken de autoriteiten Bashir niet
van de aanslag op Bali. De politie wil van hem weten
of Jemaah Islamiyah banden onderhoudt met de terreurgroep
al-Qaeda van Osama bin Laden. Voor Indonesië maakt
dat niet zoveel meer uit. Het moslimland poogt met
strenge anti-terreurdecreten herhaling van de aanslag
te voorkomen. |
|
|
|