Marek van der Jagt is het alter ego van de 31-jarige
auteur Arnon Grunberg. De schrijver ontmaskert zichzelf
in Wenen tijdens de eerste 'Marek van der Jagt-lezing'.
Volgens zijn uitgever is het niet langer reëel om
de schijn nog langer op te houden. Grunberg schreef
onder de naam Van der Jagt drie romans: 'De geschiedenis
van mijn kaalheid' (2000), 'Monogaam' (2002) en
'Gstaad 95-98' (2002).
Het mysterie rond Van der Jagt begint als de auteur
niet komt opdagen om de Anton Wachterprijs voor
zijn debuutroman in ontvangst te nemen. Van der
Jagt zou een in 1967 geboren student filosofie zijn,
die in Wenen woont en daar in een drogisterij werkt.
Interviews geeft hij niet. Al snel is duidelijk
dat die gegevens niet te kloppen. Niet alleen leidt
e-mail van Van der Jagt naar een adres in New York,
de woonplaats van Grunberg, ook de stijl van beide
auteurs vertoont veel overeenkomsten. Door het succes
van 'De geschiedenis van mijn kaalheid' in Duitsland
en Oostenrijk stromen verzoeken om interviews binnen.
Daarop besluit Grunberg naar buiten te treden.