| |

| | Uytdehaage
bekroont een fabelachtig seizoen met de wereldtitel | 15
maart |
De
finish van de 10 kilometer tussen Jochem Uytdehaage en Carl Verheijen
Jochem
Uytdehaage na zijn gouden 10 kilometer-race
Jochem Uytdehaage bekroont een fenomenaal seizoen met de wereldtitel.
Na de Europese allroundtitel en olympisch goud op de 5 en 10 kilometer, is de
vrolijke Utrechter op het WK-allround in Heerenveen al zijn concurrenten ruim
de baas. Voor het eerst sinds Ard Schenk in 1972 slaagt een schaatser
erin na een Europese en olympische titel ook de wereldtitel in de wacht te slepen.
De Duitse Anni Friesinger pakt de titel bij de dames.
Op de slotdag van het WK in ijsstadion Thialf voldoet Uytdehaage ruimschoots aan
de opdracht om 3,22 seconden goed te maken op Dmitri Sjepel, die als leider aan
de 10 kilometer begint. Uytdehaage rijdt als een robot rondjes van precies 32
seconden en komt na de onwaarschijnlijk vlakke race uit op 13.27,25. Dat is veel
te snel voor Sjepel, die in de laatste rit van het toernooi en het seizoen 13.43,14
laat noteren en in het eindklassement als tweede eindigt. Sjepels tegenstander
in de slotrit, Derek Parra wordt derde. Carl Verheijen rijdt de tweede
tijd op de 10.000 meter en valt met de vierde plaats net buiten de prijzen. Verheijen
presteert op de lange afstanden goed (3de op de 5.000 meter en 2de op de 10.000),
maar schiet veel tekort op de 500 en 1.500 meter (respectievelijk 18de en 11de).
Gianni Romme wordt op de mijl vanwege het hinderen van zijn tegenstander gediskwalificeerd
en verlaat het toernooi al na de tweede dag.
Bij
de dames verovert Friesinger haar tweede wereldtitel. De Duitse verliest op de
afsluitende 5.000 meter bijna twee seconden op de Canadese Cindy Klassen. Daarmee
houdt ze net genoeg over om de gouden plak te mogen omhangen. Klassen wordt tweede
in de eindklassering, gevolgd door Claudia Pechstein. Vooraf durft Friesinger
niet op prolongatie van de titel te gokken. De winnares van olympisch goud op
de 1.500 meter in Salt Lake City overweegt zelfs even van deelname aan het WK
af te zien, vanwege problemen met haar knie. De prestaties van de Nederlandse
dames zijn niet om over naar huis te schrijven. Groenewold is de enige Nederlandse
die er nog een beetje bovenuit steekt. Ze rijdt een goede 5.000 meter en wordt
met de zesde plaats de beste Nederlandse in het eindklassement. Tonny de Jong
eindigt als zevende, Marja Vis wordt negende en Wieteke Cramer, die zich niet
voor de afsluitende 5 kilometer weet te plaatsen, 21ste. |
| | |